donderdag 12 november 2009

Demoniseren

Het is uiterst lastig om precies uit te drukken wat je bedoelt. Wat een feit is en wat waarheid is, daar zijn boeken over vol gefilosofeerd. Zelfs grote geesten als Bertrand Russell komen er niet uit. In Human Knowledge geeft hij als voorbeeld van een ware bewering “This is blue”, tenminste als dat gezegd wordt door iemand die tegelijkertijd van dichtbij naar een blauw vlak wijst. En zelfs bij die uitspraak blijkt hij tientallen bladzijden kanttekeningen te kunnen plaatsen.

Afgelopen weekend deed Herman van Veen een uitspraak over de PVV. Wat hij precies zei, doet er niet zo veel toe. Feit is dat de uitspraak ontdaan van iedere context in De Telegraaf kwam. Van Veen ontving daarop duizenden hatemails van PVV-aanhangers. Maandagavond las hij bij Pauw en Witteman schichtig om zich heen kijkend een persverklaring voor. Pauw en Witteman namen het vooral op voor de PVV; Van Veen moest Wilders niet zo demoniseren. De Volkskrant wijdde dinsdagochtend geen letter aan de doodsangst van Van Veen en de bedreigingen door Wilders-fans. Kiest de linkse kerk de kant van Blonde Geert?

Volgens mij is het niet nodig Geert Wilders en de PVV te demoniseren. Wilders heeft herhaaldelijk gezegd dat er tientallen miljoenen criminelen onder de Europese moslims rondlopen en dat die nodig het land en de EU uitgezet moeten worden. Zijn aanhang geeft te kennen Van Veen te willen lynchen. Dat zijn duivelse plannen. Je hoeft er alleen maar naar te wijzen en met Russell te zeggen “Dit is bruin!”

Als er twee schakers zijn die elkaar ooit gedemoniseerd hebben, dan zijn het Kasparov en Karpov wel. Hun eerste match om het wereldkampioenschap werd op 15 februari 1985 na meer dan vijf maanden en 48 partijen geannuleerd. De match ging om zes gewonnen partijen; Kasparov was net van een 5-0 achterstand teruggekomen op 5-3. En precies op dat moment, toen de spanning enigszins terug kwam, besloten de autoriteiten er een punt achter te zetten. Tijdens een hectische persconferentie schroomde een opgewonden Kasparov het niet Karpov in het hartje van Moskou een vriendje van Brezjnev te noemen, een voor beide spelers zeer gevaarlijke kwalificatie, want de Sovjet-Unie verkeerde onder leiding van de doodzieke Tsjernenko in een machtsvacuüm en Gorbatschovs perestrojka was nog niet begonnen. Karpov sputterde maar zwakjes tegen. Voor de meeste schakers was het duidelijk dat hij volkomen uitgeput was door de match en nauwelijks verder kon spelen.

Dat bleek ook uit zijn zetten. In de 47e partij liet Karpov zich met wit de geweldige bunder 31. Pd2-b1 uit de vingers glippen. Na 31. Ta1 zou zwart wellicht iets beter hebben gestaan, maar nu is het meteen uit. Opgave 293: ziet u waarom? Ook in de 48e partij liet hij zich als een kind wegspelen.

Karpovs blunder uit opgave 292 (11e partij WK-match Sevilla 1987) was beduidend minder erg. Wit verloor na 35. Tf6-c6 Pc4-a5! een kwaliteit, maar Kasparov moest nog allerlei uitstekende zetten vinden voordat hij de winst kon bijschrijven.

Alle informatie over de beoefening van de schaaksport in Boxtel vindt u op dubbelschaak.nl.

1 opmerking:

Anoniem zei

Wat een onzin!...ha,ha...