In een duel om de KNSB-beker heeft Dubbelschaak dinsdagavond de Regiohakkers uitgeschakeld, een fusieclub uit de omgeving van Sliedrecht, Hardinxveld-Giessendam en Gorimchem. Huub van Dongen won met wit aan het eerste bord in een wilde partij vol offers van de gerenommeerde schaaktrainer Andries Dekker, die veel te veel bedenktijd nodig had om de complicaties te doorgronden. Guido Jansen won op het derde bord een partij uit één stuk van Kasper Euser, die zich in het Koningsindisch geen raad wist toen Jansen de rokade uitstelde. Met zwart had Dubbelschaak het een stuk moeilijker. Rob van Meurs maakte een degelijke remise. Dat Peter Boll uiteindelijk verloor door tijdsoverschrijding was daarna niet meer van belang: eindstand 2½ - 1½ .
In januari staat de volgende ronde op het programma. De bekerfinalist van het vorige seizoen, HMC Calder uit Den Bosch, dat Dubbelschaak de laatste jaren steeds uitschakelde, ligt er inmiddels uit. Maar Dubbelschaak kan in de volgende ronde wel topclubs als Stukkenjagers (Tilburg), Eindhoven of Wageningen (eerste bord Jan Timman) treffen.
donderdag 11 december 2008
Umgehung
Meer nog dan de eerste twee wereldkampioenen Steinitz en Lasker wordt Aäron Nimzowitsch beschouwd als de grondlegger van het moderne schaak. In zijn boek Mein System, dat voor het eerst in 1925 verscheen, introduceerde hij een groot aantal strategische concepten. Toen waren ze wereldschokkend. Nu zijn ze gemeengoed. Bovendien gaf hij als eerste een duidelijke omschrijving van een aantal oeroude principes. Eén daarvan is de ‘Umgehung’, de omtrekkende beweging. Als het op de rechtstreekse manier niet lukt, probeer het dan eens van een andere kant.
Plaatselijke politici zouden allemaal een beginnerscursus in de schaakstrategie moeten volgen, want het principe is gemakkelijk te veralgemeniseren. Ook buiten het schaakspel werkt het altijd. Als het niet linksom kan, dan wellicht rechtsom. Kan het niet uit de lengte, dan wellicht uit de breedte. Lukt het aan de westkant niet, omdat daar geen plaats is en veel te veel oppositie, dan is er wellicht ruimte in het verlaten weiland aan de oostkant van de A2.
Het eenvoudigste voorbeeld treft u in het volgende diagram.

Wit moet om te winnen met zijn koning zijn pion helpen. Hij moet voor de pion komen. Dat lukt niet als hij de kortste weg bewandeld. Na bijvoorbeeld 1. Kd2 Ke7 2. Kd3 Kd6 3. Kc4 Kc6 is de oppositie van de tegenpartij te sterk. Met een omtrekkende beweging lukt het wel: 1. Kd1-c2 Kf8-e7 2. Kc2-b3 Ke7-d7 3. Kb3-a4 Kd7-c6 4. Ka4-a5 Kc6-b7 5. Ka5-b5 en zwart moet de oppositie opgeven, waarna de witte koning voor de pion de weg naar b8 kan effenen. Bijvoorbeeld: 5. ... Ka7 6. Kc6 Kb8 7. b5 Kc8 8. b6 Kb8 9. b7 Ka7 10. Kc7 en wit haalt dame.

Wie wil checken of hij het allemaal heeft begrepen, wordt opgave 252 aanbevolen. Wit speelt en wint. Let erop dat wit niet kan winnen met een randpion.

Opgave 250 kwam uit de partij Judith Polgar-Azmaiparashvili, Amsterdam 1989. Wit won met 1. Lf6xe5 Lg7xe5 2. Tb5xe5! En hoe wit ook op e5 terug slaat, hij verliest met 3. Pe4-f6+ de dame.
Alle informatie over het schaken in Boxtel staat op dubbelschaak.nl.
Plaatselijke politici zouden allemaal een beginnerscursus in de schaakstrategie moeten volgen, want het principe is gemakkelijk te veralgemeniseren. Ook buiten het schaakspel werkt het altijd. Als het niet linksom kan, dan wellicht rechtsom. Kan het niet uit de lengte, dan wellicht uit de breedte. Lukt het aan de westkant niet, omdat daar geen plaats is en veel te veel oppositie, dan is er wellicht ruimte in het verlaten weiland aan de oostkant van de A2.
Het eenvoudigste voorbeeld treft u in het volgende diagram.

Wit moet om te winnen met zijn koning zijn pion helpen. Hij moet voor de pion komen. Dat lukt niet als hij de kortste weg bewandeld. Na bijvoorbeeld 1. Kd2 Ke7 2. Kd3 Kd6 3. Kc4 Kc6 is de oppositie van de tegenpartij te sterk. Met een omtrekkende beweging lukt het wel: 1. Kd1-c2 Kf8-e7 2. Kc2-b3 Ke7-d7 3. Kb3-a4 Kd7-c6 4. Ka4-a5 Kc6-b7 5. Ka5-b5 en zwart moet de oppositie opgeven, waarna de witte koning voor de pion de weg naar b8 kan effenen. Bijvoorbeeld: 5. ... Ka7 6. Kc6 Kb8 7. b5 Kc8 8. b6 Kb8 9. b7 Ka7 10. Kc7 en wit haalt dame.

Wie wil checken of hij het allemaal heeft begrepen, wordt opgave 252 aanbevolen. Wit speelt en wint. Let erop dat wit niet kan winnen met een randpion.

Opgave 250 kwam uit de partij Judith Polgar-Azmaiparashvili, Amsterdam 1989. Wit won met 1. Lf6xe5 Lg7xe5 2. Tb5xe5! En hoe wit ook op e5 terug slaat, hij verliest met 3. Pe4-f6+ de dame.
Alle informatie over het schaken in Boxtel staat op dubbelschaak.nl.
vrijdag 5 december 2008
Matten
Een tip voor iedereen die een schaakliefhebber in de familie heeft: de nieuwe Matten is uit, een ideaal cadeautje voor pakjesavond of voor onder de kerstboom. Het is gewoon te koop bij Elckerlijc. Matten is een tijdschrift dat volgens uitgever New in Chess het beste te vergelijken is met Hard Gras, het literaire tijdschrift over voetbal. Matten bevat dan ook louter verhalen en in tegenstelling tot andere schaakpublicaties geen enkel diagram.
Het hoofdartikel van de nieuwe Matten is een herinnering aan het najaar van 1989 toen Judit Polgar, als 13-jarig meisje, bij haar debuut in het OHRA-toernooi in Amsterdam de ene grootmeester na de andere in spectaculaire stijl van het bord schopte. Het fraaie artikel schreeuwt echter op een aanvulling, want opmerkelijk genoeg was het ongekende talent van de jongste van de drie Polgar-zusjes al lang bekend in de Nederlandse schaakwereld. In april 1984 speelden Johan van Mil, Herman Grooten, Rudy Douven en Jan Voormans mee in een groot toernooi in Kecskemét, Hongarije. De vier eerste teamspelers van SV Eindhoven, dat net Nederlands kampioen was geworden, waren in Hongarije op zoek naar Meesterresultaten. Onder de deelnemers bevond zich de 15-jarige Zsuzsa Polgar. Zsuzsa verloor van Rudy Douven, waarop haar moeder haar uitnodigde om in Budapest met de rest van de familie kennis te maken.
De familie Polgar woonde in een klein flatje in een buitenwijk. Toen de Brabanders er arriveerden, was net de middagtraining van Zsuzsa’s jongere zusjes Zsofia en Judit afgelopen. Of de heren misschien een partijtje blind wilden spelen tegen de 7-jarige Judit. Herman wilde dat wel even doen, maar hij had het niet goed begrepen. Het was niet de bedoeling dat híj blind speelde, maar Judit. Na enig heen en weer gepraat zetten ze zich zonder bord en stukken, maar met een schaakklok aan tafel en begonnen ze via vertaalster Zsuzsa de zetten uit te wisselen. Herman werd al snel getruct en verloor z’n dame. Het tweede potje speelde Herman wel met bord. Hij verloor weer. Uiteindelijk hebben de heren nog tot drie uur ’s nachts met snelschaken van de kinderen zitten verliezen.
Herman Grooten wijdde indertijd een artikel in het blad Jeugdschaak aan deze vernedering. Daarna was Judit’s naam in Nederland gemaakt, wat uiteindelijk leidde tot haar uitnodiging voor het OHRA-toernooi van 1989.

Opgave 250 komt uit de partij tussen Judit Polgar en Zurab Azmaiparashvili uit het OHRA-toernooi van 1989. De zwartspeler was beslist even sterk als z’n naam doet vermoeden, maar hij had hier toch wat over het hoofd gezien. Wit wint.

I
n opgave 249 besliste Diederik Claassen de partij en de wedstrijd tegen HSC-2 met 1. Tb1xb5! a6xb5 2. c5-c6! f6xe5 3. Ta3-a8 en wit breekt door naar dame.
Alle informatie over het schaken in Boxtel vindt u op dubbelschaak.nl.
Het hoofdartikel van de nieuwe Matten is een herinnering aan het najaar van 1989 toen Judit Polgar, als 13-jarig meisje, bij haar debuut in het OHRA-toernooi in Amsterdam de ene grootmeester na de andere in spectaculaire stijl van het bord schopte. Het fraaie artikel schreeuwt echter op een aanvulling, want opmerkelijk genoeg was het ongekende talent van de jongste van de drie Polgar-zusjes al lang bekend in de Nederlandse schaakwereld. In april 1984 speelden Johan van Mil, Herman Grooten, Rudy Douven en Jan Voormans mee in een groot toernooi in Kecskemét, Hongarije. De vier eerste teamspelers van SV Eindhoven, dat net Nederlands kampioen was geworden, waren in Hongarije op zoek naar Meesterresultaten. Onder de deelnemers bevond zich de 15-jarige Zsuzsa Polgar. Zsuzsa verloor van Rudy Douven, waarop haar moeder haar uitnodigde om in Budapest met de rest van de familie kennis te maken.
De familie Polgar woonde in een klein flatje in een buitenwijk. Toen de Brabanders er arriveerden, was net de middagtraining van Zsuzsa’s jongere zusjes Zsofia en Judit afgelopen. Of de heren misschien een partijtje blind wilden spelen tegen de 7-jarige Judit. Herman wilde dat wel even doen, maar hij had het niet goed begrepen. Het was niet de bedoeling dat híj blind speelde, maar Judit. Na enig heen en weer gepraat zetten ze zich zonder bord en stukken, maar met een schaakklok aan tafel en begonnen ze via vertaalster Zsuzsa de zetten uit te wisselen. Herman werd al snel getruct en verloor z’n dame. Het tweede potje speelde Herman wel met bord. Hij verloor weer. Uiteindelijk hebben de heren nog tot drie uur ’s nachts met snelschaken van de kinderen zitten verliezen.
Herman Grooten wijdde indertijd een artikel in het blad Jeugdschaak aan deze vernedering. Daarna was Judit’s naam in Nederland gemaakt, wat uiteindelijk leidde tot haar uitnodiging voor het OHRA-toernooi van 1989.

Opgave 250 komt uit de partij tussen Judit Polgar en Zurab Azmaiparashvili uit het OHRA-toernooi van 1989. De zwartspeler was beslist even sterk als z’n naam doet vermoeden, maar hij had hier toch wat over het hoofd gezien. Wit wint.

I
n opgave 249 besliste Diederik Claassen de partij en de wedstrijd tegen HSC-2 met 1. Tb1xb5! a6xb5 2. c5-c6! f6xe5 3. Ta3-a8 en wit breekt door naar dame.
Alle informatie over het schaken in Boxtel vindt u op dubbelschaak.nl.
vrijdag 28 november 2008
Kawuma Moses
De Schaakolympiade is afgelopen. Armenië heeft gewonnen voor Israel en de Verenigde Staten. Rusland werd vijfde, Nederland twaalfde, België zeventigste en de Nederlandse Antillen 112e. Bij de dames won Georgië, het enige land in de wereld waar de vrouwen minstens zo goed schaken als de mannen. Nederland werd gedeeld dertiende.
Vorige week werd in deze rubriek gesuggereerd dat oud-Boxtelaar Herman Grooten op het eerste bord van de Nederlandse Antillen kans zou maken op een gouden medaille. Dat bleek totaal misplaatst. Hij scoorde een matige 6 ½ uit 11. Maar de theorie achter het verhaal bleek wel degelijk hout te snijden. De beste score van het toernooi werd niet behaald door één van de topgrootmeesters. Die treffen iedere ronde een andere topper en dan is het moeilijk veel punten te halen. Topscoorder werd Kawuma Moses, een volkomen onbekende speler uit Uganda. Met zijn bescheiden rating van 2204 haalde hij maar liefst 9 uit 10. Uganda werd 120e.
De schaakolympiade was dit jaar een fantastisch internetevenement. Er werd gespeeld in Dresden en de organisatie was vlekkeloos. Iedere dag werden er 1072 partijen gespeeld, allemaal op elektronische schaakborden zodat de zetten rechtstreeks op internet verschenen. Bovendien was er 24 uur per dag televisieverslaggeving via internet. Al gedurende de eerste dagen van de Olympiade scoorde de site 60 miljoen downloads per dag. De totale bezoekersaantallen zijn nog niet bekend gemaakt, maar die gaan zeker de miljard overschrijden.
De schaaksport heeft hiermee aangetoond buitengewoon mediageniek te zijn. Wereldwijd wordt het spel beoefend en overal trekt het aandacht. De sponsors moeten wel bijzonder in hun nopjes zijn, want in vergelijking met andere sportevenementen zitten ze bij schaken echt voor een dubbeltje op de eerste rang. Het eerstvolgende mega-evenement is het Corustoernooi dat van 16 januari tot 1 februari in Wijk aan Zee wordt gespeeld. Een echt wereldtoptoernooi, waar ook enkele duizenden liefhebbers aan meedoen. Budget: je kan er de top ook een middag voor laten tennissen.

Opgave 249 komt uit de competitiepartij Diederik Claassen-Joep Peters uit de wedstrijd Dubbeschaak-2 – Vught. Hoe forceert wit winnend voordeel.

Vorige week werd in deze rubriek gesuggereerd dat oud-Boxtelaar Herman Grooten op het eerste bord van de Nederlandse Antillen kans zou maken op een gouden medaille. Dat bleek totaal misplaatst. Hij scoorde een matige 6 ½ uit 11. Maar de theorie achter het verhaal bleek wel degelijk hout te snijden. De beste score van het toernooi werd niet behaald door één van de topgrootmeesters. Die treffen iedere ronde een andere topper en dan is het moeilijk veel punten te halen. Topscoorder werd Kawuma Moses, een volkomen onbekende speler uit Uganda. Met zijn bescheiden rating van 2204 haalde hij maar liefst 9 uit 10. Uganda werd 120e.
De schaakolympiade was dit jaar een fantastisch internetevenement. Er werd gespeeld in Dresden en de organisatie was vlekkeloos. Iedere dag werden er 1072 partijen gespeeld, allemaal op elektronische schaakborden zodat de zetten rechtstreeks op internet verschenen. Bovendien was er 24 uur per dag televisieverslaggeving via internet. Al gedurende de eerste dagen van de Olympiade scoorde de site 60 miljoen downloads per dag. De totale bezoekersaantallen zijn nog niet bekend gemaakt, maar die gaan zeker de miljard overschrijden.
De schaaksport heeft hiermee aangetoond buitengewoon mediageniek te zijn. Wereldwijd wordt het spel beoefend en overal trekt het aandacht. De sponsors moeten wel bijzonder in hun nopjes zijn, want in vergelijking met andere sportevenementen zitten ze bij schaken echt voor een dubbeltje op de eerste rang. Het eerstvolgende mega-evenement is het Corustoernooi dat van 16 januari tot 1 februari in Wijk aan Zee wordt gespeeld. Een echt wereldtoptoernooi, waar ook enkele duizenden liefhebbers aan meedoen. Budget: je kan er de top ook een middag voor laten tennissen.

Opgave 249 komt uit de competitiepartij Diederik Claassen-Joep Peters uit de wedstrijd Dubbeschaak-2 – Vught. Hoe forceert wit winnend voordeel.

Opgave 248 was een trucje van Herman Grooten met zwart tegen Iganatius Njobvu, de eerste bordsxpeler van Botswana op de Schaakolympiade. Zwart won met 1. … Te7-e1+! 2. Kg1-f2 Db5xd3 3. Td1xd3 Te1xa1 4. Ld4xa1 Td8xd3.
Alle informatie over het schaken in Boxtel vindt u op de Dubbelschaak-website.
Alle informatie over het schaken in Boxtel vindt u op de Dubbelschaak-website.
Degelijke overwinning Dubbelschaak
Voorzichtigheid heeft succes
Zowel het eerste als het tweede team van Dubbelschaak zijn er afgelopen zaterdag in geslaagd hun competitiewedstrijden te winnen. Voor Dubbelschaak-1 was de zege vooral van belang om de aansluiting met de top niet te verliezen. Na de krappe zege op Pion Groesbeek staat Dubbelschaak-1 gedeeld tweede; alle mogelijkheden zijn weer open. Dubbelschaak-2 had een overwinning hard nodig om niet in degradatiegevaar te komen. Tegen HSC-2 uit Helmond werd de kleinst mogelijke overwinning behaald en dat is een hele prestatie.
De wedstrijd van Dubbelschaak-1 tegen Pion Groesbeek staat bijna ieder jaar op het programma. De spelers kennen elkaar door en door. En meestal eindigt de strijd in een nipte overwinning voor Dubbelschaak. Dat was ook dit jaar weer het geval. Zonder spectaculair spel, maar vooral op degelijkheid, schoof Dubbelschaak de Groesbeekse concurrentie aan de kant.
Veel remises
De eerste resultaten werden geboekt door Michel van der Stee, Peter Boll en Martien van der Meijden, die alle drie in onoverzichtelijke stellingen remise kregen aangeboden op het moment dat duidelijk werd dat Huub van Dongen, Michiel Luijpen en Rob van Meurs groot voordeel hadden bereikt.
Rob van Meurs, die niet best uit de opening was gekomen, bleek in het middenspel veel slimmer te manoeuvreren dan zijn tegenstander. Met twee scherp berekende pionnenopstoten blies hij de witte stelling op, waarna hij Dubbelschaak op voorsprong bracht. Kort daarop maakte Guido Jansen remise en bouwde Huub van Dongen de voorsprong uit. Van Dongen had op het eerste bord met zwart in een Modern Defence een klein voordeeltje behaald dat hij behendig omzette in kwaliteitswinst. Wit had er nog een pionnetje voor, maar in het eindspel kwam hij er niet meer aan te pas. Tussenstand: 4-2. En Michiel Luijpen stond nog steeds zo goed dat zijn tegenstander in armoede maar remise aanbood, waarmee de overwinning van Dubbelschaak zekerheid werd. Jammer genoeg wist Hans Heijstek, die zich na een misrekening heroïsch had verdedigd, zich net niet meer te redden. Eindstand: 4½ - 3½.
Overige teams
Dubbelschaak-2 deed intussen goede zaken door het sterke HSC-2 te verslaan. Fraaie overwinningen van Tom van Stiphout, Gilion Berkelmans een vooral Diederik Claassen brachten Dubbelschaak op voorsprong en die werd niet meer afgestaan: 4½ - 3½ . Dubbelschaak-3 en -4 verloren, dat mocht de feestvreugde niet drukken.
Meer informatie
Voor meer informatie over de Dubbelschaak-teams en de individuele uitslagen kunt u terecht op onze pagina over de externe competitie.
Zowel het eerste als het tweede team van Dubbelschaak zijn er afgelopen zaterdag in geslaagd hun competitiewedstrijden te winnen. Voor Dubbelschaak-1 was de zege vooral van belang om de aansluiting met de top niet te verliezen. Na de krappe zege op Pion Groesbeek staat Dubbelschaak-1 gedeeld tweede; alle mogelijkheden zijn weer open. Dubbelschaak-2 had een overwinning hard nodig om niet in degradatiegevaar te komen. Tegen HSC-2 uit Helmond werd de kleinst mogelijke overwinning behaald en dat is een hele prestatie.
De wedstrijd van Dubbelschaak-1 tegen Pion Groesbeek staat bijna ieder jaar op het programma. De spelers kennen elkaar door en door. En meestal eindigt de strijd in een nipte overwinning voor Dubbelschaak. Dat was ook dit jaar weer het geval. Zonder spectaculair spel, maar vooral op degelijkheid, schoof Dubbelschaak de Groesbeekse concurrentie aan de kant.
Veel remises
De eerste resultaten werden geboekt door Michel van der Stee, Peter Boll en Martien van der Meijden, die alle drie in onoverzichtelijke stellingen remise kregen aangeboden op het moment dat duidelijk werd dat Huub van Dongen, Michiel Luijpen en Rob van Meurs groot voordeel hadden bereikt.
Rob van Meurs, die niet best uit de opening was gekomen, bleek in het middenspel veel slimmer te manoeuvreren dan zijn tegenstander. Met twee scherp berekende pionnenopstoten blies hij de witte stelling op, waarna hij Dubbelschaak op voorsprong bracht. Kort daarop maakte Guido Jansen remise en bouwde Huub van Dongen de voorsprong uit. Van Dongen had op het eerste bord met zwart in een Modern Defence een klein voordeeltje behaald dat hij behendig omzette in kwaliteitswinst. Wit had er nog een pionnetje voor, maar in het eindspel kwam hij er niet meer aan te pas. Tussenstand: 4-2. En Michiel Luijpen stond nog steeds zo goed dat zijn tegenstander in armoede maar remise aanbood, waarmee de overwinning van Dubbelschaak zekerheid werd. Jammer genoeg wist Hans Heijstek, die zich na een misrekening heroïsch had verdedigd, zich net niet meer te redden. Eindstand: 4½ - 3½.
Overige teams
Dubbelschaak-2 deed intussen goede zaken door het sterke HSC-2 te verslaan. Fraaie overwinningen van Tom van Stiphout, Gilion Berkelmans een vooral Diederik Claassen brachten Dubbelschaak op voorsprong en die werd niet meer afgestaan: 4½ - 3½ . Dubbelschaak-3 en -4 verloren, dat mocht de feestvreugde niet drukken.
Meer informatie
Voor meer informatie over de Dubbelschaak-teams en de individuele uitslagen kunt u terecht op onze pagina over de externe competitie.
donderdag 20 november 2008
Een gouden medaille
Tot 25 november wordt in Dresden de Schaakolympiade gespeeld, een gigantisch schaaktoernooi voor landenteams. In het damestoernooi doen 114 viertallen mee. In de open klasse 154 (allemaal mannen en één vrouw: Judith Polgar). Nederland doet het tot nu toe erg goed en voor het damesteam zit er misschien wel een medaille in. Maar op een gouden medaille hoeven we niet te rekenen. Daarop maken de Nederlandse Antillen meer kans.
Ik kan me voorstellen dat u daar raar van opkijkt. Het zit zo. De Schaakolympiade wordt gespeeld volgens het Zwitserse systeem, een competitiesysteem waarin teams steeds tegen een land spelen dat ongeveer gelijk geklasseerd is. Behalve een landenklassement is er ook een individueel klassement per bord.
De Nederlandse Antillen hebben een zwak team. Iedere Nederlandse schaakvereniging van een beetje niveau had een sterker team kunnen opstellen. Maar de teamcaptain herinnerde zich dat hij wel eens gehoord had dat voormalig Boxtels kampioen Herman Grooten op Curaçao is geboren. Hij belde Herman of hij mee wilde doen. Natuurlijk wilde hij dat. Een gouden kans.
De Antillen, 113e geplaatst, figureren natuurlijk het hele toernooi ergens onderin de ranglijst. Hoe slechter Hermans teamgenoten spelen, hoe beter het voor hem is. Hij staat inmiddels in het individuele klassement van eerstebordspelers op een gedeelde eerste plaat met remises tegen Guatemala en Zuid-Korea en winst tegen Papua Nieuw Guinea, Jamaica en Botswana. Herman is een sterke Internationale Meester en die hebben ze lang niet overal.
Zo’n medaille voor een schaakontwikkelingsland is vaker vertoond. Zo won William Hook in 1976 zilver op bord één voor de Maagdeneilanden en in 1980 zelfs goud. William Hook doet nog steeds mee. Met zijn 83 jaar is hij de oudste deelnemer aan de Olympiade. Herman Grooten zal overigens weinig last van hem hebben. Hook zit tegenwoordig aan het tweede bord en met de jaren is zijn spel er beslist niet op vooruit gegaan.

Opgave 247 uit een partij Johan van Mil-Kiss is veel lastiger. Wit wint met 1. Kd4-d5!! Als zwart de loper slaat, loopt de witte koning naar g7. Die pion is niet te dekken, waarna de witte h-pion de partij beslist. Na 1. … Kd7 komt zwart in zetdwang. Voor het hoe, moet ik u verwijzen naar de website.
Op dubbelschaak.nl vindt u alle informatie over het schaken in Boxtel en allerlei links naar actualiteiten en wetenswaardigheden over het schaakspel.
Ik kan me voorstellen dat u daar raar van opkijkt. Het zit zo. De Schaakolympiade wordt gespeeld volgens het Zwitserse systeem, een competitiesysteem waarin teams steeds tegen een land spelen dat ongeveer gelijk geklasseerd is. Behalve een landenklassement is er ook een individueel klassement per bord.
De Nederlandse Antillen hebben een zwak team. Iedere Nederlandse schaakvereniging van een beetje niveau had een sterker team kunnen opstellen. Maar de teamcaptain herinnerde zich dat hij wel eens gehoord had dat voormalig Boxtels kampioen Herman Grooten op Curaçao is geboren. Hij belde Herman of hij mee wilde doen. Natuurlijk wilde hij dat. Een gouden kans.
De Antillen, 113e geplaatst, figureren natuurlijk het hele toernooi ergens onderin de ranglijst. Hoe slechter Hermans teamgenoten spelen, hoe beter het voor hem is. Hij staat inmiddels in het individuele klassement van eerstebordspelers op een gedeelde eerste plaat met remises tegen Guatemala en Zuid-Korea en winst tegen Papua Nieuw Guinea, Jamaica en Botswana. Herman is een sterke Internationale Meester en die hebben ze lang niet overal.
Zo’n medaille voor een schaakontwikkelingsland is vaker vertoond. Zo won William Hook in 1976 zilver op bord één voor de Maagdeneilanden en in 1980 zelfs goud. William Hook doet nog steeds mee. Met zijn 83 jaar is hij de oudste deelnemer aan de Olympiade. Herman Grooten zal overigens weinig last van hem hebben. Hook zit tegenwoordig aan het tweede bord en met de jaren is zijn spel er beslist niet op vooruit gegaan.
Opgave 248 is een eenvoudige ‘zwart speelt en wint’ uit de partij tussen Ignatius Njobvu uit Botswana en Herman Grooten.

Opgave 247 uit een partij Johan van Mil-Kiss is veel lastiger. Wit wint met 1. Kd4-d5!! Als zwart de loper slaat, loopt de witte koning naar g7. Die pion is niet te dekken, waarna de witte h-pion de partij beslist. Na 1. … Kd7 komt zwart in zetdwang. Voor het hoe, moet ik u verwijzen naar de website.
Op dubbelschaak.nl vindt u alle informatie over het schaken in Boxtel en allerlei links naar actualiteiten en wetenswaardigheden over het schaakspel.
maandag 10 november 2008
Johan van Mil
Zondag 9 november is Internationaal Schaakmeester Johan van Mil overleden. Johan leed al vanaf zijn jeugd aan een complex van gezondheidsproblemen. Dat hij de ongelijke strijd meer dan 49 jaar volgehouden heeft, mag een wonder heten. Hij vocht zonder te klagen, altijd vol optimisme en vrolijkheid, keihard voor zichzelf, maar zachtaardig en vriendelijk voor de mensen om hem heen.
Begin jaren tachtig brak Johan als schaker door. Met zijn leeftijdsgenoten Peter Scheeren, Frans Cuijpers, Gerard Welling, Rudy Douven en Herman Grooten vormde hij de kern van het sterrenteam van SV Eindhoven dat in 1984 landskampioen werd en in 1986 pas door CSKA Moskou gestuit kon worden in de Europacup. In dat jaar werd door de Eindhovense vriendenclub ook het tijdschrift Schaaknieuws opgericht, waarvan hij na enkele jaren eindredacteur werd. Dat bleef hij tot het laatst.
Johan speelde talloze toernooien in binnen- en buitenland, vooral in Hongarije. Daar ontmoette hij damesgrootmeester Erika Sziva, die zijn levenspartner werd. Samen zetten ze schaakverzendhuis De Beste Zet op, een internetwinkel voor schaakboeken, software en schaakmateriaal. Johan en Erika hebben twee zoons van 8 en 5 jaar oud.
Erika, vier keer Hongaars en vijf keer Nederlands dameskampioen, is een dappere vrouw. Via de website van De Beste Zet hield ze de schaakwereld de afgelopen maanden op de hoogte van de gezondheidstoestand van Johan. Na een hartoperatie in augustus werd Johan getroffen door een agressieve schimmelinfectie, waarna zijn beide benen afgezet moesten worden. Doordat ook zijn nieren niet meer functioneerden, twee transplantaties en levenslange medicatie ten spijt, had hij daarna geen kans meer. Een horrorverhaal, maar Erika wist dat ze hun vele vrienden op de hoogte moest houden. Doordat ze ook de reacties van de kinderen in het verslag betrok, werd het niet minder schrijnend, maar liet ze wel zien dat er naast veel leed ook eenvoudig geluk in het leven blijft bestaan.

Ook op het schaakbord was Johan een optimistische doorzetter. Hij had een scherpe blik en snelle ogen en dat leverde hem tot drie keer toe het Open Nederlandse snelschaakkampioenschap op. In het gewone langzame schaak bracht hij het onder andere tot een vierde plaats in het Nederlands kampioenschap van 1991. Hoe hoog zijn ster zou zijn gestegen zonder gezondheidsproblemen, is pure speculatie. Feit is, dat hij ondanks alles, bijna altijd de energie kon vinden om zijn partijen zo lang mogelijk te rekken en het tot het laatste pionnetje te blijven proberen. Opgave 247 hierboven is een typisch voorbeeld: hoe wint wit.

In de stelling van opgave 246 sloeg de 17-jarige Christov Kleijn met zwart keihard toe tegen topgrootmeester Loek van Wely. Hij speelde 1. … Tg1-g3!! Van Wely gaf meteen op. Er volgt 2. fxg3 fxg3+ 3. Kxg3 Txf3+ 4. Kh4 Txh3 5. Kg5 Lh6 mat.
Links, partijen en informatie over het schaken in Boxtel vindt u op dubbelschaak.nl.
Begin jaren tachtig brak Johan als schaker door. Met zijn leeftijdsgenoten Peter Scheeren, Frans Cuijpers, Gerard Welling, Rudy Douven en Herman Grooten vormde hij de kern van het sterrenteam van SV Eindhoven dat in 1984 landskampioen werd en in 1986 pas door CSKA Moskou gestuit kon worden in de Europacup. In dat jaar werd door de Eindhovense vriendenclub ook het tijdschrift Schaaknieuws opgericht, waarvan hij na enkele jaren eindredacteur werd. Dat bleef hij tot het laatst.
Johan speelde talloze toernooien in binnen- en buitenland, vooral in Hongarije. Daar ontmoette hij damesgrootmeester Erika Sziva, die zijn levenspartner werd. Samen zetten ze schaakverzendhuis De Beste Zet op, een internetwinkel voor schaakboeken, software en schaakmateriaal. Johan en Erika hebben twee zoons van 8 en 5 jaar oud.
Erika, vier keer Hongaars en vijf keer Nederlands dameskampioen, is een dappere vrouw. Via de website van De Beste Zet hield ze de schaakwereld de afgelopen maanden op de hoogte van de gezondheidstoestand van Johan. Na een hartoperatie in augustus werd Johan getroffen door een agressieve schimmelinfectie, waarna zijn beide benen afgezet moesten worden. Doordat ook zijn nieren niet meer functioneerden, twee transplantaties en levenslange medicatie ten spijt, had hij daarna geen kans meer. Een horrorverhaal, maar Erika wist dat ze hun vele vrienden op de hoogte moest houden. Doordat ze ook de reacties van de kinderen in het verslag betrok, werd het niet minder schrijnend, maar liet ze wel zien dat er naast veel leed ook eenvoudig geluk in het leven blijft bestaan.

Ook op het schaakbord was Johan een optimistische doorzetter. Hij had een scherpe blik en snelle ogen en dat leverde hem tot drie keer toe het Open Nederlandse snelschaakkampioenschap op. In het gewone langzame schaak bracht hij het onder andere tot een vierde plaats in het Nederlands kampioenschap van 1991. Hoe hoog zijn ster zou zijn gestegen zonder gezondheidsproblemen, is pure speculatie. Feit is, dat hij ondanks alles, bijna altijd de energie kon vinden om zijn partijen zo lang mogelijk te rekken en het tot het laatste pionnetje te blijven proberen. Opgave 247 hierboven is een typisch voorbeeld: hoe wint wit.

In de stelling van opgave 246 sloeg de 17-jarige Christov Kleijn met zwart keihard toe tegen topgrootmeester Loek van Wely. Hij speelde 1. … Tg1-g3!! Van Wely gaf meteen op. Er volgt 2. fxg3 fxg3+ 3. Kxg3 Txf3+ 4. Kh4 Txh3 5. Kg5 Lh6 mat.
Links, partijen en informatie over het schaken in Boxtel vindt u op dubbelschaak.nl.
donderdag 6 november 2008
Dubbelschaak wint uit van Geleen
Zware wedstrijd ondanks snelle voorsprong
Het eerste team van Dubbelschaak heeft afgelopen zaterdag in Spaubeek een zware wedstrijd overleefd. Voor de gelegenheid speelde SV Geleen daar zijn thuiswedstrijd. Geleen hoort bepaald niet tot de favorieten in de poule, maar maakte het de Boxtelse keurtroepen buitengewoon moeilijk. Het was een hard en moeizaam gevecht waarin op maar liefst drie van de acht borden de beslissing pas in het zesde uur viel.
Dubbelschaak kwam in de wedstrijd snel op voorsprong doordat Geleen het eerste bord onbezet liet. Eén van hun spelers was ziek en een vervanger hadden ze niet. Een gemakkelijk punt, maar de Boxtelse eerstebordspeler Huub van Dongen had wel behoorlijk de pest in dat hij klaarblijkelijk als toeschouwer mee naar Spaubeek was gereisd. Gelukkig was de wedstrijd aantrekkelijk voor het publiek: van uitstekend niveau en spannend.
Fraaie overwinningen
Dubbelschaak bouwde de voorsprong vlak voor de eerste tijdcontrole uit. Martien van der Meijden had met wit vanuit de opening een aardige drukstelling opgebouwd. Ten koste van een verzwakking van zijn pionnenstructuur, wist hij de open d-lijn te veroveren en binnen te dringen met een toren. Een vergissing van zijn tegenstander, gaf hem vervolgens de gelegenheid de partij uit te combineren.
De partij van Rob van Meurs verliep vergelijkbaar. Alleen was het hier geen open lijn maar een centrumdoorbraak die de doorslag gaf. De witte stukken werden door van Meurs heel krachtig gevoerd. Zwart kwam er niet aan te pas. Een fantastische zege.
Direct daarop gaf Peter Boll zijn partij remise. Hij had het lang geprobeerd, maar zijn tegenstander gaf geen krimp. Mogelijk dacht een deel van het publiek dat de wedstrijd hierna wel zo ongeveer over zou zijn, maar de kenners maakten zich zorgen.
Spannende eindspelen
Guido Jansen had op het tweede bord een moeizaam eindspel over. Michel van der Stee had een zeer gecompliceerde stelling tegen veelvoudig Limburgs kampioen Jack Renet. Michiel Luijpen speelde een heel wisselvallige partij en balanceerde op de rand van de afgrond. Alleen Hans Heijstek stond duidelijk beter, maar zou hij het paardeindspel kunnen winnen?
Al snel werd duidelijk dat Michel van der Stee iets over het hoofd had gezien. Zwart won met een fraaie damemanoeuvre een stuk. Guido Jansen was inmiddels in een verloren pionneneindspel terechtgekomen. De stelling van Luijpen was nog steeds kritiek. Maar gelukkig gaf de routine van Hans Heijstek, de nestor van het Boxtel team, de doorslag. Hij pakte op heel instructieve wijze zijn tegenstander een paardeindspel af en werd zo de matchwinnaar. Dat Luijpen daarna nog remise maakte, was de slagroom op de pudding. Eindstand Geleen-Dubbelschaak 3-5.
Overige teams
Het tweede team, dat vorig jaar naar de hoogste klasse van de NBSB promoveerde, liep zaterdag is Oss tegen zijn tweede nederlaag op; OSV-Dubbelschaak-2: 5½ - 2½. Het derde team deed het in Rosmalen beter; De Kentering-2 – Dubbelschaak-3: 3½ - 4½. Dubbelschaak-4 liep in Den Bosch tegen een zware nederlaag op tegen het zesde van HMC Calder: 5-1. Wisselende resultaten kortom. De competitie is pas begonnen, maar het tweede team mag zich toch al enige zorgen gaan maken. Het zal de komende wedstrijden beslist beter moeten.
Het eerste team van Dubbelschaak heeft afgelopen zaterdag in Spaubeek een zware wedstrijd overleefd. Voor de gelegenheid speelde SV Geleen daar zijn thuiswedstrijd. Geleen hoort bepaald niet tot de favorieten in de poule, maar maakte het de Boxtelse keurtroepen buitengewoon moeilijk. Het was een hard en moeizaam gevecht waarin op maar liefst drie van de acht borden de beslissing pas in het zesde uur viel.
Dubbelschaak kwam in de wedstrijd snel op voorsprong doordat Geleen het eerste bord onbezet liet. Eén van hun spelers was ziek en een vervanger hadden ze niet. Een gemakkelijk punt, maar de Boxtelse eerstebordspeler Huub van Dongen had wel behoorlijk de pest in dat hij klaarblijkelijk als toeschouwer mee naar Spaubeek was gereisd. Gelukkig was de wedstrijd aantrekkelijk voor het publiek: van uitstekend niveau en spannend.
Fraaie overwinningen
Dubbelschaak bouwde de voorsprong vlak voor de eerste tijdcontrole uit. Martien van der Meijden had met wit vanuit de opening een aardige drukstelling opgebouwd. Ten koste van een verzwakking van zijn pionnenstructuur, wist hij de open d-lijn te veroveren en binnen te dringen met een toren. Een vergissing van zijn tegenstander, gaf hem vervolgens de gelegenheid de partij uit te combineren.
De partij van Rob van Meurs verliep vergelijkbaar. Alleen was het hier geen open lijn maar een centrumdoorbraak die de doorslag gaf. De witte stukken werden door van Meurs heel krachtig gevoerd. Zwart kwam er niet aan te pas. Een fantastische zege.
Direct daarop gaf Peter Boll zijn partij remise. Hij had het lang geprobeerd, maar zijn tegenstander gaf geen krimp. Mogelijk dacht een deel van het publiek dat de wedstrijd hierna wel zo ongeveer over zou zijn, maar de kenners maakten zich zorgen.
Spannende eindspelen
Guido Jansen had op het tweede bord een moeizaam eindspel over. Michel van der Stee had een zeer gecompliceerde stelling tegen veelvoudig Limburgs kampioen Jack Renet. Michiel Luijpen speelde een heel wisselvallige partij en balanceerde op de rand van de afgrond. Alleen Hans Heijstek stond duidelijk beter, maar zou hij het paardeindspel kunnen winnen?
Al snel werd duidelijk dat Michel van der Stee iets over het hoofd had gezien. Zwart won met een fraaie damemanoeuvre een stuk. Guido Jansen was inmiddels in een verloren pionneneindspel terechtgekomen. De stelling van Luijpen was nog steeds kritiek. Maar gelukkig gaf de routine van Hans Heijstek, de nestor van het Boxtel team, de doorslag. Hij pakte op heel instructieve wijze zijn tegenstander een paardeindspel af en werd zo de matchwinnaar. Dat Luijpen daarna nog remise maakte, was de slagroom op de pudding. Eindstand Geleen-Dubbelschaak 3-5.
Overige teams
Het tweede team, dat vorig jaar naar de hoogste klasse van de NBSB promoveerde, liep zaterdag is Oss tegen zijn tweede nederlaag op; OSV-Dubbelschaak-2: 5½ - 2½. Het derde team deed het in Rosmalen beter; De Kentering-2 – Dubbelschaak-3: 3½ - 4½. Dubbelschaak-4 liep in Den Bosch tegen een zware nederlaag op tegen het zesde van HMC Calder: 5-1. Wisselende resultaten kortom. De competitie is pas begonnen, maar het tweede team mag zich toch al enige zorgen gaan maken. Het zal de komende wedstrijden beslist beter moeten.
Het Syndroom van Stendhal
Toen ik voor het eerst in Florence kwam, heb ik menige traan gelaten. Mijn vader liet me alle kerken en kunstverzamelingen van de stad zien, maar ik was als 11-jarige veel meer geïnteresseerd in het zwembad op de camping. Achteraf ben ik hem dankbaar, maar toen kon ik wel janken. En dat deed ik dan ook.
Ik ben later nog verschillende keren naar Florence teruggekeerd en ik begreep inmiddels dat het niet ongebruikelijk is om het tussen de kunstschatten te kwaad te krijgen. Talloze toeristen krijgen er last van het Stendhal-syndroom, genoemd naar een Franse romantische schrijver die in zijn werken herhaaldelijk beschrijft hoe hij in snikken uitbarst bij het aanschouwen van zoveel moois. Vooral de David van Michelangelo schijnt die uitwerking te hebben, een naakt Sylvester Stallone-type zonder attributen, met alleen, losjes over de schouder, een slinger. Bij films en boeken treft het syndroom iedereen wel eens. Het verhaal van David en Goliath is er geknipt voor. De kleine arme jongen die zijn volk voor een oorlog moet behoeden door het op te nemen tegen een reus. Hij wint en hou het dan maar eens droog.
Afgelopen weekend gebeurde er iets minstens zo emotioneels in de Nederlandse schaakcompetitie. De 17-jarige Christov Kleijn, een tamelijk klein, bescheiden ventje, moest het in de Meesterklasse aan het eerste bord van LSG Leiden opnemen tegen supergrootmeester Loek van Wely, zevenvoudig Nederlands kampioen en de enige Nederlander die zich al jaren in de wereldtop handhaaft.
Nu is het in het schaakspel niet genoeg om je tegenstander te verrassen, zoals David deed door Goliath met een steen uit een slinger te vellen. Er wordt wel gezegd dat je een grootmeester in één partij drie keer moet verslaan: in de opening, het middenspel en het eindspel. Maar volgens mij is het nóg erger. Een Van Wely maakt geen opzichtige fouten. Hij is nauwelijks te verrassen. En als hij een keer een mindere zet doet en wat slechter komt te staan, verdedigt hij zich met verve, zodat de kleinste vergissing van de tegenstander nog steeds fataal kan zijn. En toch lukte het Christov Kleijn de reus om te halen. En hoe!

Deze stelling ontstond na de 51e zet van wit. De partij was al een kleine zes uur bezig. Van Wely had in de opening iets onnauwkeurigs gedaan, had in het middenspel materiaal moeten geven, maar leek de partij nu toch naar zich toe te trekken. De pion op a7 is niet te stuiten. Christov Kleijn had echter verder gekeken. Opgave 246: Zwart speelt en wint. Daar krijg ik nou tranen van in mijn ogen.

Na de door Kramnik gekozen afwikkeling in de 5e partij van de WK-tweekamp stond het zo. Anand won simpel met 1. … Pg4-e3! 2. f2xe3 f4xe3 en de pion loopt door.
Reacties en opmerking zijn welkom via 'Reactie' hieronder. Op dubbelschaak.nl vindt u alle informatie over het schaken in Boxtel.
Afgelopen weekend gebeurde er iets minstens zo emotioneels in de Nederlandse schaakcompetitie. De 17-jarige Christov Kleijn, een tamelijk klein, bescheiden ventje, moest het in de Meesterklasse aan het eerste bord van LSG Leiden opnemen tegen supergrootmeester Loek van Wely, zevenvoudig Nederlands kampioen en de enige Nederlander die zich al jaren in de wereldtop handhaaft.
Nu is het in het schaakspel niet genoeg om je tegenstander te verrassen, zoals David deed door Goliath met een steen uit een slinger te vellen. Er wordt wel gezegd dat je een grootmeester in één partij drie keer moet verslaan: in de opening, het middenspel en het eindspel. Maar volgens mij is het nóg erger. Een Van Wely maakt geen opzichtige fouten. Hij is nauwelijks te verrassen. En als hij een keer een mindere zet doet en wat slechter komt te staan, verdedigt hij zich met verve, zodat de kleinste vergissing van de tegenstander nog steeds fataal kan zijn. En toch lukte het Christov Kleijn de reus om te halen. En hoe!

Deze stelling ontstond na de 51e zet van wit. De partij was al een kleine zes uur bezig. Van Wely had in de opening iets onnauwkeurigs gedaan, had in het middenspel materiaal moeten geven, maar leek de partij nu toch naar zich toe te trekken. De pion op a7 is niet te stuiten. Christov Kleijn had echter verder gekeken. Opgave 246: Zwart speelt en wint. Daar krijg ik nou tranen van in mijn ogen.

Na de door Kramnik gekozen afwikkeling in de 5e partij van de WK-tweekamp stond het zo. Anand won simpel met 1. … Pg4-e3! 2. f2xe3 f4xe3 en de pion loopt door.
Reacties en opmerking zijn welkom via 'Reactie' hieronder. Op dubbelschaak.nl vindt u alle informatie over het schaken in Boxtel.
donderdag 30 oktober 2008
Dubbelschaak verslaat Zevenaar
In de eerste ronde van de KNSB-beker heeft Dubbelschaak dinsdagavond uit met 3-1 SV Zevenaar verslagen. Een knappe prestatie, want Zevenaar speelt een klasse hoger dan de Boxtelse club. De 3-1 overwinning was dik verdiend, maar wel een beetje geflatteerd.
Aan het eerste bord werd Huub van Dongen verrast met een zeer ongebruikelijke opening. Hij reageerde alert en draaide de tegenstander snel de duimschroeven aan. Een centrumdoorbraak leverde Van Dongen een binnengedrongen toren en het loperpaar op, waarna hij de ene pion na de andere bleek te kunnen ophalen: 1-0.
Intussen had Guido Jansen aan het tweede bord een remiseaanbod gekregen. Hij nam het eens rustig drie kwartier in overweging. Dat kon hij veilig doen. Zijn teamgenoten stonden zo goed, dat hij het aanbod uiteindelijk aannam.
Rob van Meurs aan bord vier kreeg met zwart een lastig middenspel zonder dames op het bord. Met een paar zeer nauwkeurige zetten trok hij de stelling in evenwicht. Daarna was er voor beide partijen geen doorkomen meer aan.
De sleutelpartij van de wedstrijd werd gespeeld door Martien van der Meijden. Hij zadelde zijn tegenstander vanuit de opening met een zeer krampachtige stelling op. In de koningsaanval kon hij de winst echter niet vinden, maar ook in het resterende eindspel stond hij uitstekend. In de tijdnoodfase ging er echter ineens van alles mis. Eerst liet Martien een cruciale pion ongedekt staan. Vervolgens speelde hij nog een paar keer niet zo handig. Zijn teamgenoten bereidden zich al voor op de snelschaakbarrage die bij een 2-2 eindstand zou volgen, toen alles zich ineens weer ten goede keerde. Met minder dan een minuut op de klok blunderde de Zevenaar-speler opzichtig. Eindstand 3-1.
In de volgende ronde speelt thuis Dubbelschaak tegen de winnaar van de wedstrijd tussen Veenendaal, waar we in de eerste competitieronde zo schandelijk van verloren, en Regiohakkers uit Giessendam en Leerdam, die ons twee seizoenen geleden in Gorinchem ontvingen in een speellokaal waar diverse Dubbelschakers nog steeds nachtmerries van hebben.
Aan het eerste bord werd Huub van Dongen verrast met een zeer ongebruikelijke opening. Hij reageerde alert en draaide de tegenstander snel de duimschroeven aan. Een centrumdoorbraak leverde Van Dongen een binnengedrongen toren en het loperpaar op, waarna hij de ene pion na de andere bleek te kunnen ophalen: 1-0.
Intussen had Guido Jansen aan het tweede bord een remiseaanbod gekregen. Hij nam het eens rustig drie kwartier in overweging. Dat kon hij veilig doen. Zijn teamgenoten stonden zo goed, dat hij het aanbod uiteindelijk aannam.
Rob van Meurs aan bord vier kreeg met zwart een lastig middenspel zonder dames op het bord. Met een paar zeer nauwkeurige zetten trok hij de stelling in evenwicht. Daarna was er voor beide partijen geen doorkomen meer aan.
De sleutelpartij van de wedstrijd werd gespeeld door Martien van der Meijden. Hij zadelde zijn tegenstander vanuit de opening met een zeer krampachtige stelling op. In de koningsaanval kon hij de winst echter niet vinden, maar ook in het resterende eindspel stond hij uitstekend. In de tijdnoodfase ging er echter ineens van alles mis. Eerst liet Martien een cruciale pion ongedekt staan. Vervolgens speelde hij nog een paar keer niet zo handig. Zijn teamgenoten bereidden zich al voor op de snelschaakbarrage die bij een 2-2 eindstand zou volgen, toen alles zich ineens weer ten goede keerde. Met minder dan een minuut op de klok blunderde de Zevenaar-speler opzichtig. Eindstand 3-1.
In de volgende ronde speelt thuis Dubbelschaak tegen de winnaar van de wedstrijd tussen Veenendaal, waar we in de eerste competitieronde zo schandelijk van verloren, en Regiohakkers uit Giessendam en Leerdam, die ons twee seizoenen geleden in Gorinchem ontvingen in een speellokaal waar diverse Dubbelschakers nog steeds nachtmerries van hebben.
Avondwedstrijden
In de schaaksport bestaan er naast de zaterdagcompetitie diverse avondcompetities. Daarin spelen teams van verschillende verenigingen tegen elkaar, gewoon op de wekelijkse clubavond van de thuisploeg. Zo organiseert de NBSB jaarlijks een avondcompetitie voor viertallen in twee verschillende klassen. Bovendien zijn er bekerwedstrijden waarin, net als in het voetbal, teams uit verschillende klassen elkaar treffen in een knockout-systeem. Binnen de NBSB kunnen de reisafstanden voor dit soort wedstrijden al flink oplopen, maar in de KNSB-beker wordt het echt hinderlijk.
Afgelopen dinsdag speelde Dubbelschaak bijvoorbeeld uit tegen Zevenaar. De wedstrijd begint om 20.00 uur. Dat betekent, files meegerekend, dat er om 18.30 uur uit Boxtel moet worden vertrokken. De wedstrijd duurt ongeveer vier uur. De spelers zijn pas ver na middernacht thuis. Elders in dit blad (en in dit blog HvD) vindt u een berichtje over de afloop; dat haalt de deadline nog wel.
Nu is Zevenaar goed te bereiken en de speellocatie gemakkelijk te vinden, maar ik herinner me een uitwedstrijd van jaren geleden in de NBSB-beker tegen SV Zwartwit uit St. Agatha. St. Agatha is een schiereilandje in de Maas, vlakbij Cuijk. Het was winter en aardedonker. Er werd gespeeld in het Kruisherenklooster, het oudste klooster van Nederland.
Voor een goed begrip: we hebben het over de tijd van ver voor de tomtom, maar gelukkig had iemand in ons team net het nieuwste van het nieuwste gekocht: een mobiele telefoon. Na lang zoeken besloten we om kwart over acht het klooster maar te bellen. Wonder boven wonder hadden we bereik. Ze dachten al wel dat we verdwaald waren. De weg uitleggen had geen zin, het was veel te donker, maar de paters hadden een geweldige oplossing. Ze zouden de klok wel even luiden. Dan kwamen we gewoon op het geluid af.


Afgelopen dinsdag speelde Dubbelschaak bijvoorbeeld uit tegen Zevenaar. De wedstrijd begint om 20.00 uur. Dat betekent, files meegerekend, dat er om 18.30 uur uit Boxtel moet worden vertrokken. De wedstrijd duurt ongeveer vier uur. De spelers zijn pas ver na middernacht thuis. Elders in dit blad (en in dit blog HvD) vindt u een berichtje over de afloop; dat haalt de deadline nog wel.
Nu is Zevenaar goed te bereiken en de speellocatie gemakkelijk te vinden, maar ik herinner me een uitwedstrijd van jaren geleden in de NBSB-beker tegen SV Zwartwit uit St. Agatha. St. Agatha is een schiereilandje in de Maas, vlakbij Cuijk. Het was winter en aardedonker. Er werd gespeeld in het Kruisherenklooster, het oudste klooster van Nederland.
Voor een goed begrip: we hebben het over de tijd van ver voor de tomtom, maar gelukkig had iemand in ons team net het nieuwste van het nieuwste gekocht: een mobiele telefoon. Na lang zoeken besloten we om kwart over acht het klooster maar te bellen. Wonder boven wonder hadden we bereik. Ze dachten al wel dat we verdwaald waren. De weg uitleggen had geen zin, het was veel te donker, maar de paters hadden een geweldige oplossing. Ze zouden de klok wel even luiden. Dan kwamen we gewoon op het geluid af.

In de vijfde partij van de WK-tweekamp tussen Kramnik en Anand maakte Kramnik in de stelling van opgave 245 een blunder volgens de krant. Pakt u er gerust een bord bij en speelt u even mee: 29. Pf3xd4? Df6xd4 30. Te1-d1 Pd7-f6! 31. Td1xd4 Pf6xg4 32. Td4-d7+ Ke7-f6 33. Td7xb7 Tc3-c1 34. Lb5-f1 Tot zo ver had Kramnik het gezien. Hij heeft twee verbonden vrijpionnen en een pion meer. Anand bleek verder te hebben gekeken. Zwart speelt en wint.

Opgave 244 komt uit een partij Grünfeld-Rubinstein, Merano 1924. Wit speelde 1. f2-f4 Le7-f6 2. g2-g3 en werd toen verrast door 2. … Lf6xe5! Zwarts dame is onkwetsbaar wegens de zwarte dreiging 3. … Le5xd4+. Enkele zetten later gaf wit de partij op.
Op de geheel vernieuwde website van Dubbelschaak vindt u alle informatie over het schaken in Boxtel.
donderdag 23 oktober 2008
Een musical
Merano, de voormalige hoofdstad van het graafschap Tirol, is niet groot, wel toeristisch. Het plaatselijke Kurhaus annex Casino Municipale wordt wel het mooiste gebouw van de Alpen genoemd. Jugendstil. En er heeft zich heel wat afgespeeld.
“The spa no connoisseur of spas would miss”, zo wordt het beschreven in het openingsnummer van de Musical Chess van Benny Andersson, Björn Ulvaeus en Tim Rice. Hun libretto is geïnspireerd door de WK-match Karpov-Kortsjnoj die in 1984 in Merano plaatsvond. Voor Kortsjnoj, die in 1976 de Sovjet-Unie ontvluchtte, was het de laatste kans om zich op WK-niveau te etaleren. In de schaakmatch kwam hij er niet aan te pas. Buiten het schaakbord veroorzaakte Kortsjnoj echter zo veel commotie dat zijn Waterloo zelfs tot ABBA doorgedrongen moet zijn.
Voor de belangrijkste gebeurtenis uit de Meraner schaakgeschiedenis moeten we echter terugkeren naar 1924. In dat jaar huisvestte het Kurhaus een groot en sterk bezet internationaal schaaktoernooi. Het werd gewonnen door Ernst Grünfeld, naar wie de Grünfeld-Indische verdediging is genoemd. Hij werd alleen verslagen door Akiba Rubinstein, die toen al lang over zijn top heen was, maar tot op de dag van vandaag tot de sterkste schakers aller tijden wordt gerekend.
Rubinstein, een geweldige openingsspecialist, deed iets opmerkelijks tegen Grünfeld: hij introduceerde een nieuw plan om met zwart het oeroude aangenomen damegambiet te verbeteren. De zwarte opzet vond al snel navolging: onder andere Euwe en Botwinnik begonnen het te spelen. Het systeem werd de Meraner genoemd en het vormt de basis van wat tegenwoordig het Semi-Slavisch heet, een complex van openingssystemen stuk voor stuk uitgedacht om de Meraner aan te pakken, te verbeteren of juist te omzeilen.
Deze maand wordt in Bonn een WK-match gespeeld tussen Viswanathan Anand en Vladimir Kramnik. In de 3e en 5e partij keerde Anand met zwart terug naar de oervorm van de Meraner, al speelde hij het natuurlijk net even anders. Tot twee keer toe kwam er een vlijmscherpe stelling op het bord waarin Anand zich superieur toonde aan zijn grote opponent. Kramnik en zijn team zullen snel iets op de Meraner moeten vinden. Anders wordt de match nooit een musical.

Opgave 244 komt uit Grünfeld-Rubinstein 1924, de stampartij van de Meraner. Wit heeft het centrum, zwart wat ruimte op de damevleugel, maar vooral een geweldige lange diagonaal. Wit speelde hier 1. f2-f4 om pion d4 te dekken en op de volgende zet met 2. g2-g3 de zwarte dame in moeilijkheden te brengen. Dat was geen goed idee. Waarom niet?

Opgave 243 kwam uit een rapidpartij tussen Kramnik en Anand, gespeeld in Nice 2008. Anand won verrassend met 1. … Df4-f3!! Het mat beginnend met Th7-h1 is niet meer te vermijden, of wit de dame nu slaat of niet. Er volgde nog 2. c6xb7+ Kg6-f5 en wit gaf op.
Op de geheel vernieuwde website van Dubbelschaak vindt u alle informatie over het schaken in Boxtel en links naar alle internetcommentaar op de match Anand-Kramnik.
“The spa no connoisseur of spas would miss”, zo wordt het beschreven in het openingsnummer van de Musical Chess van Benny Andersson, Björn Ulvaeus en Tim Rice. Hun libretto is geïnspireerd door de WK-match Karpov-Kortsjnoj die in 1984 in Merano plaatsvond. Voor Kortsjnoj, die in 1976 de Sovjet-Unie ontvluchtte, was het de laatste kans om zich op WK-niveau te etaleren. In de schaakmatch kwam hij er niet aan te pas. Buiten het schaakbord veroorzaakte Kortsjnoj echter zo veel commotie dat zijn Waterloo zelfs tot ABBA doorgedrongen moet zijn.
Voor de belangrijkste gebeurtenis uit de Meraner schaakgeschiedenis moeten we echter terugkeren naar 1924. In dat jaar huisvestte het Kurhaus een groot en sterk bezet internationaal schaaktoernooi. Het werd gewonnen door Ernst Grünfeld, naar wie de Grünfeld-Indische verdediging is genoemd. Hij werd alleen verslagen door Akiba Rubinstein, die toen al lang over zijn top heen was, maar tot op de dag van vandaag tot de sterkste schakers aller tijden wordt gerekend.
Rubinstein, een geweldige openingsspecialist, deed iets opmerkelijks tegen Grünfeld: hij introduceerde een nieuw plan om met zwart het oeroude aangenomen damegambiet te verbeteren. De zwarte opzet vond al snel navolging: onder andere Euwe en Botwinnik begonnen het te spelen. Het systeem werd de Meraner genoemd en het vormt de basis van wat tegenwoordig het Semi-Slavisch heet, een complex van openingssystemen stuk voor stuk uitgedacht om de Meraner aan te pakken, te verbeteren of juist te omzeilen.
Deze maand wordt in Bonn een WK-match gespeeld tussen Viswanathan Anand en Vladimir Kramnik. In de 3e en 5e partij keerde Anand met zwart terug naar de oervorm van de Meraner, al speelde hij het natuurlijk net even anders. Tot twee keer toe kwam er een vlijmscherpe stelling op het bord waarin Anand zich superieur toonde aan zijn grote opponent. Kramnik en zijn team zullen snel iets op de Meraner moeten vinden. Anders wordt de match nooit een musical.

Opgave 244 komt uit Grünfeld-Rubinstein 1924, de stampartij van de Meraner. Wit heeft het centrum, zwart wat ruimte op de damevleugel, maar vooral een geweldige lange diagonaal. Wit speelde hier 1. f2-f4 om pion d4 te dekken en op de volgende zet met 2. g2-g3 de zwarte dame in moeilijkheden te brengen. Dat was geen goed idee. Waarom niet?

Opgave 243 kwam uit een rapidpartij tussen Kramnik en Anand, gespeeld in Nice 2008. Anand won verrassend met 1. … Df4-f3!! Het mat beginnend met Th7-h1 is niet meer te vermijden, of wit de dame nu slaat of niet. Er volgde nog 2. c6xb7+ Kg6-f5 en wit gaf op.
Op de geheel vernieuwde website van Dubbelschaak vindt u alle informatie over het schaken in Boxtel en links naar alle internetcommentaar op de match Anand-Kramnik.
vrijdag 17 oktober 2008
De WK-match
Sinds Wilhelm Steinitz en Johann Hermann Zuckertort in 1886 de eerste officiële match om het wereldkampioenschap speelden, een rondreizend evenement dat begon in New York en eindigde in New Orleans, zijn er talloze adembenemende matches om de hoogste schaakeer gespeeld. Toen ik met schaken begon, vertelden de oudere heren op de club nog graag hoe bij hen het schaakvuur was ontstoken door de match Euwe-Aljechin in 1935, ook zo’n rondreizend circus, gespeeld in hotels en theaterzalen in heel Nederland. Mijn generatie liep het virus op door de match Fischer-Spassky in 1972 in Reykjavik. Euwe zelf gaf op de televisie tekst en uitleg.
Na Fischer werd het schaken gedomineerd door de drie K’s: Karpov, Kortsjnoj en Kasparov. De media-aandacht was overweldigend. Via kranten, radio en televisie werd het publiek op de hoogte gehouden van hun maandenlange matches. Maar toen Kasparov in 1993 een schisma veroorzaakte in de wereldschaakbond, verstomde de berichtgeving over het spel.
Afgelopen dinsdag is in Bonn een match over twaalf partijen begonnen tussen wereldkampioen Viswanathan Anand en uitdager Vladimir Kramnik. Beide spelers waren al eerder wereldkampioen, maar ze speelden nog nooit een match tegen elkaar. Wellicht dat de traditionele pers inmiddels op het mega-event is gedoken. Misschien staat de match inmiddels wel symbool voor de hoop dat de menselijke intelligentie het op termijn zal winnen van de hebzucht die allerlei crisissen veroorzaakt. Maar het lijkt me waarschijnlijker dat we het zullen moeten doen met een enkel krantenartikel waarin al gauw een beetje gezeurd wordt over de vele remises.
Gelukkig kunt u de WK-match gemakkelijk live volgen met deskundig commentaar. Op internet houden zich allerlei sites met de match bezig. Er zullen vast en zeker een aantal spectaculaire schaakpartijen gespeeld worden. Anand speelt vaak scherp op aanval, terwijl Kramnik liever met strategische middelen een eindspelvoordeeltje wil binnenhalen. Zo’n stijlverschil staat garant voor prachtige partijen. De meeste worden desondanks remise, want Anand en Kramnik weten precies wat ze doen en ze vergissen zich zelden.
U kunt de WK match live volgen via de officiële WK-site.
Live discussies over de partijen kunt u volgen via chessgames.com, heel mooi, maar niet gratis.
Gratis live-commentaar vindt u hier.

In het Melody Amber-toernooi, dat eerder dit jaar in Nice werd gespeeld, wist Anand met zwart Kramnik in een rapidpartij lelijk te pakken te nemen. Opgave 243: zwart speelt en wint.

Opgave 242 kwam uit een partij tussen Wil van Lankveld en Huub van Dongen. Zwart won met 1. … g7-g5! 2. Df4-d2 Pe5-f3+! 3. g2xf3 Pg4-e5 en zwart wint het stuk met winnend voordeel terug, want op 4. Kg2 volgt 4. … Lxh3+ 5. Kxh3 Pxf3 6. D-- Dd7+ 7. Kg2 Dg4+ 8. Kh1 Dh3 met mat of damewinst.
Alle informatie over het schaken in Boxtel vindt u op Dubbelschaak.nl. U kunt er ook uw oplossing en uw commentaar kwijt.
Na Fischer werd het schaken gedomineerd door de drie K’s: Karpov, Kortsjnoj en Kasparov. De media-aandacht was overweldigend. Via kranten, radio en televisie werd het publiek op de hoogte gehouden van hun maandenlange matches. Maar toen Kasparov in 1993 een schisma veroorzaakte in de wereldschaakbond, verstomde de berichtgeving over het spel.
Afgelopen dinsdag is in Bonn een match over twaalf partijen begonnen tussen wereldkampioen Viswanathan Anand en uitdager Vladimir Kramnik. Beide spelers waren al eerder wereldkampioen, maar ze speelden nog nooit een match tegen elkaar. Wellicht dat de traditionele pers inmiddels op het mega-event is gedoken. Misschien staat de match inmiddels wel symbool voor de hoop dat de menselijke intelligentie het op termijn zal winnen van de hebzucht die allerlei crisissen veroorzaakt. Maar het lijkt me waarschijnlijker dat we het zullen moeten doen met een enkel krantenartikel waarin al gauw een beetje gezeurd wordt over de vele remises.
Gelukkig kunt u de WK-match gemakkelijk live volgen met deskundig commentaar. Op internet houden zich allerlei sites met de match bezig. Er zullen vast en zeker een aantal spectaculaire schaakpartijen gespeeld worden. Anand speelt vaak scherp op aanval, terwijl Kramnik liever met strategische middelen een eindspelvoordeeltje wil binnenhalen. Zo’n stijlverschil staat garant voor prachtige partijen. De meeste worden desondanks remise, want Anand en Kramnik weten precies wat ze doen en ze vergissen zich zelden.
U kunt de WK match live volgen via de officiële WK-site.
Live discussies over de partijen kunt u volgen via chessgames.com, heel mooi, maar niet gratis.
Gratis live-commentaar vindt u hier.

In het Melody Amber-toernooi, dat eerder dit jaar in Nice werd gespeeld, wist Anand met zwart Kramnik in een rapidpartij lelijk te pakken te nemen. Opgave 243: zwart speelt en wint.

Opgave 242 kwam uit een partij tussen Wil van Lankveld en Huub van Dongen. Zwart won met 1. … g7-g5! 2. Df4-d2 Pe5-f3+! 3. g2xf3 Pg4-e5 en zwart wint het stuk met winnend voordeel terug, want op 4. Kg2 volgt 4. … Lxh3+ 5. Kxh3 Pxf3 6. D-- Dd7+ 7. Kg2 Dg4+ 8. Kh1 Dh3 met mat of damewinst.
Alle informatie over het schaken in Boxtel vindt u op Dubbelschaak.nl. U kunt er ook uw oplossing en uw commentaar kwijt.
vrijdag 10 oktober 2008
Kinderboeken
Het meest bekende schaakboek voor kinderen is waarschijnlijk nog altijd Oom Jan leert zijn neefje schaken, van Albert Loon en Dr. Max Euwe. Het werd voor het eerst uitgebracht in 1935 toen Euwe wereldkampioen was. Zijn naam stond vooral op de kaft om de verkoop te bevorderen. Tegenwoordig staat het boekje integraal op internet. Het heeft een lichte toon, maar wie het leest, zal heel wat oubolligheid moeten kunnen pruimen.
Er waren in die tijd al heel wat boeken gepubliceerd om schaken te leren, ook door Euwe, maar Oom Jan is waarschijnlijk wereldwijd het eerste leerboek gericht op kinderen. Zoals in die tijd gebruikelijk, begint het met de uitleg van de spelregels om vervolgens direct over te stappen op de behandeling van een aantal algemene principes van de opening, het middenspel en het eindspel. Moderne schaakmethodes sluiten veel meer aan bij het ontwikkelingsniveau van de kinderen voor wie ze zijn bedoeld. De Stappenmethode van Van Wijgerden en Brunia besteed in het begin vooral veel aandacht aan het pakken van stukken, want jonge kinderen vinden dat nou juist het leuke van het spel. Later leren de kinderen materiaalverlies te voorkomen en nog later om op mat te spelen. Openingstechnische adviezen en de strategische aanpak in middenspel en eindspel komen pas veel later in de hogere stappen aan de orde.
Jammer genoeg heeft de Stappenmethode ook een groot nadeel: het is een serie gortdroge werkboeken, verluchtigd met enkele schaakcartoons. Voor kinderen die van lezen houden, heeft de methode weinig te bieden. En schaken is toch zo veel meer dan alleen zetjes doen. Sterker nog: naast de Stappenmethode is er praktisch niets te krijgen.
Deze rubriek is groot genoeg voor een volledige opsomming en korte bespreking van al wat er is. Ik begin er niet aan, want ik wil graag positief blijven. De enige twee boekjes die ik kan vinden, die echt aanspreken en goed aansluiten bij het niveau van kinderen die al een tijdje op een club zitten, zijn Schaakvermaak 1 en 2 van Pascal Losekoot, uitgegeven bij Cosmox. Wie een boekenweekgeschenk wil ontvangen, moet ze via de boekwinkel bestellen, maar het gaat sneller via internetverzendhuizen als De Beste Zet.

Er waren in die tijd al heel wat boeken gepubliceerd om schaken te leren, ook door Euwe, maar Oom Jan is waarschijnlijk wereldwijd het eerste leerboek gericht op kinderen. Zoals in die tijd gebruikelijk, begint het met de uitleg van de spelregels om vervolgens direct over te stappen op de behandeling van een aantal algemene principes van de opening, het middenspel en het eindspel. Moderne schaakmethodes sluiten veel meer aan bij het ontwikkelingsniveau van de kinderen voor wie ze zijn bedoeld. De Stappenmethode van Van Wijgerden en Brunia besteed in het begin vooral veel aandacht aan het pakken van stukken, want jonge kinderen vinden dat nou juist het leuke van het spel. Later leren de kinderen materiaalverlies te voorkomen en nog later om op mat te spelen. Openingstechnische adviezen en de strategische aanpak in middenspel en eindspel komen pas veel later in de hogere stappen aan de orde.
Jammer genoeg heeft de Stappenmethode ook een groot nadeel: het is een serie gortdroge werkboeken, verluchtigd met enkele schaakcartoons. Voor kinderen die van lezen houden, heeft de methode weinig te bieden. En schaken is toch zo veel meer dan alleen zetjes doen. Sterker nog: naast de Stappenmethode is er praktisch niets te krijgen.
Deze rubriek is groot genoeg voor een volledige opsomming en korte bespreking van al wat er is. Ik begin er niet aan, want ik wil graag positief blijven. De enige twee boekjes die ik kan vinden, die echt aanspreken en goed aansluiten bij het niveau van kinderen die al een tijdje op een club zitten, zijn Schaakvermaak 1 en 2 van Pascal Losekoot, uitgegeven bij Cosmox. Wie een boekenweekgeschenk wil ontvangen, moet ze via de boekwinkel bestellen, maar het gaat sneller via internetverzendhuizen als De Beste Zet.

In de stelling van opgave 241 speelde zwart 1. … f7-f5. Veel beter was 1. … Lg4. Na de partijvoortzetting kon wit winnen met het instructieve 2. d4-d5! Waarmee wit precies op het juiste moment de stelling opent. Het beste is nog 2. … Dd7xd5 3. Lb2xg7 Kg8xg7 4. Pd2xc4 Dd5xd1 5. Te1xd1 Le6xc4 6, Te2-d2 maar in deze stelling is wits toren veel sterker dan zwarts loper en pion.
Alle informatie over het schaken in Boxtel vindt u op dubbelschaak.nl.
Alle informatie over het schaken in Boxtel vindt u op dubbelschaak.nl.
donderdag 2 oktober 2008
Tijdnood
In de matches tussen Louis de la Bourdonnais en Alexander McDonnel, die in de jaren dertig van de achttiende eeuw gespeeld werden, dacht McDonnel soms zo lang na dat La Bourdonnais zich onder het publiek begaf en daar luidkeels zeemansliederen ten gehore bracht. In andere toernooien uit die tijd liepen spelers weg, wegens het onsportieve langdurige nadenken van hun tegenstanders. Er werd wel eens geëxperimenteerd met zandlopers om de bedenktijd te reguleren en tijdens de officieuze WK-match tussen Wilhelm Steinitz en Adolf Anderssen in 1866 werd een uurwerk gebruikt: de scheidsrechter moest de tijden noteren om er op te letten dat per speler niet meer dan twee uur per twintig zetten werd nagedacht.
Sinds het grote schaaktoernooi van Londen in 1883, dat met enorme overmacht werd gewonnen door Johannes Zukertort, wordt er alleen nog gespeeld met schaakklokken, een uitvinding van klokkenmaker Thomas Bright Wilson en schaakgenie Joseph Blackburne. Het principe is doodeenvoudig: er zitten twee klokken in dezelfde behuizing. De knop die de ene klok aanzet, zet de andere stil en omgekeerd. Wie z’n zet heeft voltooid, drukt z’n klok in. In 1899 werd het concept voltooid met een metalen plaatje, de vlag, dat door de grote wijzer, naarmate de tijdcontrole nadert, steeds verder wordt opgetild om uiteindelijk te vallen als de tijd om is.
“Vlag!” roepen we ook nu nog steeds als de Digital Gametimer aangeeft dat de maximale bedenktijd is overschreden. Maar wat is er dan al een tsunami van adrenaline door de aderen gevloeid. Tegenwoordig hebben we twee uur bedenktijd voor veertig zetten en daarna een uur voor de rest van de partij. Iedereen die weet hoe ingewikkeld het schaakspel is, begrijpt dat een speler zich, bij gebrek aan parate kennis, tijdens de eerste twintig zetten zo kan verliezen in berekeningen dat hij voor de volgende twintig nauwelijks tijd meer over heeft. Stom natuurlijk, maar besluiteloosheid is een verslaving. En meestal geven beide spelers zich er tegelijkertijd aan over.
Dan begint er een foutenfestival van jewelste. Trillend van de zenuwen worden de stukken over het bord gesmeten. Tot één van de spelers een al te opzichtige bok schiet of de bedenktijd overschrijdt. Zo krijgt het publiek waar voor z’n geld. Wie het ook eens wil zien: bij Dubbelschaak in Grand Café Rembrandt hebben ze er tegenwoordig ook een handje van.

Zwart had in de partij Offringa-Van Dongen uit de competitiewedstrijd Dubbelschaak-Veenendaal 1. … Lg4 moeten spelen. Hij besloot echter met 1. … f7-f5 een kwaliteit te offeren, waarmee hij de aftrap gaf voor een potje knoeien. Wit kon nu winnen. De vraag van opgave 241 is hoe? Niet zo gemakkelijk, want Tjaart Offringa zag het ook niet. Na vele fouten over en weer won wit overigens toch.

In opgave 240 uit het EK won Thal Abergel met het fraaie 1. Tf1-f2! De zwarte dame moet de dekking van c6 opgeven. Na 1. … Dc2xf2 2. Dg3-d6+ Kd7-c8 3. Dd6xc6+ Kc8-b8 4. Le7-d6 is het mat.
Alle informatie over het schaken in Boxtel vindt u op de Dubbelschaak-website. Onder 'reacties' kunt u uw commentaar kwijt en de oplossing van de opgave van de week.
Sinds het grote schaaktoernooi van Londen in 1883, dat met enorme overmacht werd gewonnen door Johannes Zukertort, wordt er alleen nog gespeeld met schaakklokken, een uitvinding van klokkenmaker Thomas Bright Wilson en schaakgenie Joseph Blackburne. Het principe is doodeenvoudig: er zitten twee klokken in dezelfde behuizing. De knop die de ene klok aanzet, zet de andere stil en omgekeerd. Wie z’n zet heeft voltooid, drukt z’n klok in. In 1899 werd het concept voltooid met een metalen plaatje, de vlag, dat door de grote wijzer, naarmate de tijdcontrole nadert, steeds verder wordt opgetild om uiteindelijk te vallen als de tijd om is.
“Vlag!” roepen we ook nu nog steeds als de Digital Gametimer aangeeft dat de maximale bedenktijd is overschreden. Maar wat is er dan al een tsunami van adrenaline door de aderen gevloeid. Tegenwoordig hebben we twee uur bedenktijd voor veertig zetten en daarna een uur voor de rest van de partij. Iedereen die weet hoe ingewikkeld het schaakspel is, begrijpt dat een speler zich, bij gebrek aan parate kennis, tijdens de eerste twintig zetten zo kan verliezen in berekeningen dat hij voor de volgende twintig nauwelijks tijd meer over heeft. Stom natuurlijk, maar besluiteloosheid is een verslaving. En meestal geven beide spelers zich er tegelijkertijd aan over.
Dan begint er een foutenfestival van jewelste. Trillend van de zenuwen worden de stukken over het bord gesmeten. Tot één van de spelers een al te opzichtige bok schiet of de bedenktijd overschrijdt. Zo krijgt het publiek waar voor z’n geld. Wie het ook eens wil zien: bij Dubbelschaak in Grand Café Rembrandt hebben ze er tegenwoordig ook een handje van.

Zwart had in de partij Offringa-Van Dongen uit de competitiewedstrijd Dubbelschaak-Veenendaal 1. … Lg4 moeten spelen. Hij besloot echter met 1. … f7-f5 een kwaliteit te offeren, waarmee hij de aftrap gaf voor een potje knoeien. Wit kon nu winnen. De vraag van opgave 241 is hoe? Niet zo gemakkelijk, want Tjaart Offringa zag het ook niet. Na vele fouten over en weer won wit overigens toch.

In opgave 240 uit het EK won Thal Abergel met het fraaie 1. Tf1-f2! De zwarte dame moet de dekking van c6 opgeven. Na 1. … Dc2xf2 2. Dg3-d6+ Kd7-c8 3. Dd6xc6+ Kc8-b8 4. Le7-d6 is het mat.
Alle informatie over het schaken in Boxtel vindt u op de Dubbelschaak-website. Onder 'reacties' kunt u uw commentaar kwijt en de oplossing van de opgave van de week.
Dubbele nederlaag Dubbelschaak
Debacle in eerste thuiswedstrijd
Afgelopen zaterdag begonnen de eerste twee teams van Dubbelschaak vol goede moed aan de schaakcompetitie. Dubbelschaak-1 in de veronderstelling dit seizoen weer volop mee te kunnen doen aan het kampioenschap, Dubbelschaak-2 ten volle bewust dat het een zwaar seizoen zal worden na de promotie van afgelopen voorjaar. Tegen het op papier veel zwakkere Veenendaal en tegen Gardé uit Maarheeze moesten er kansen liggen. Er was zelfs voor het eerst sinds jaren veel publiek. Maar voor beide teams liep de wedstrijd uit op een grote teleurstelling.
Aanvankelijk zag het er helemaal niet slecht uit. Vooral in het eerste team werden in de eerste paar uur heel degelijke gezonde stellingen opgebouwd die allerlei kansen boden. Maar het was ook al snel zichtbaar dat de Dubbelschakers veel bedenktijd consumeerden. En daar ging het mis.
Toen Huub van Dongen op het eerste bord na zo’n drie uur spelen remise kreeg aangeboden, begonnen zich boven allerlei borden al donkere wolken af te tekenen. Hij besloot daarom remise te weigeren, maar even later had hij nog maar vier minuten bedenktijd voor twintig zetten over.
Bij Peter Boll, Martien van der Meijden en Michiel Luijpen was het toen al verschrikkelijk mis gegaan. Maar op de andere borden was de strijd nog open. Een degelijke overwinning van Michel van der Stee, die zijn tegenstander fraai van het bord combineerde, en Rob van Meurs, die vanuit de opening gestaag zijn stelling versterkte en nergens in gevaar kwam, kon de naderende nederlaag echter niet meer afwenden. Van Dongen combineerde zich in tijdnood nog naar een gewonnen stelling, maar verblunderde vervolgens een toren. Tot overmaat van ramp verloor Hans Heijstek een stelling die iedereen lange tijd als volkomen gelijk had ingeschat en slaagde Ad Kleijberg er niet in een voordelig toreneindspel in winst om te zetten. Zo kwam de nederlaag uit op 2½-5½, een akelig slecht resultaat tegen een team dat vorig seizoen nog met 6-2 was verslagen.
Dubbelschaak-2 kwam er tegen Gardé ook niet aan te pas. Ook die wedstrijd kreeg de uitslag 2½-5½, waarbij als enige positieve punt de fraaie overwinning van Franck Steenbekkers op het eerste bord mag worden genoteerd. Wil van Lankveld, Niels Heijstek en Diederik Claassen speelden remise. Het moge duidelijk zijn dat Dubbelschaak een zwaar seizoen te wachten staat, want er staan beslist nog veel sterkere tegenstanders op het programma.
Dubbelschaak '97 2065 - Veenendaal 2002 2½ - 5½
1. Huub van Dongen 2148 - Tjaart Jan Offringa 2027 0 - 1
2. Michel van der Stee 2142 - Tijmen Kampman 2008 1 - 0
3. Peter Boll 2148 - Jef Verwoert 2084 0 - 1
4. Martien van der Meijden 2043 - Joost Offringa 2016 0 - 1
5. Ad Kleijberg 2118 - Stefan Bekker 1945 ½ - ½
6. Michiel Luijpen 1976 - Leo Hovestadt 2066 0 - 1
7. Rob van Meurs 1991 - Gunie du Chatinier 1945 1 - 0
8. Hans Heijstek 1955 - Benno van der Veen 1929 0 - 1
Dubbelschaak 2 - Gardé 2½ - 5½
1. F. Steenbekkers - H.M.P. van Himbergen 1 - 0
2. G. Berkelmans - A.J.H.A. Al 0 - 1
3. W. van Lankveld - C. Winters ½ - ½
4. M.v/d Elzen - J.M.M. Broekhuis 0 - 1
5. C.H. Heystek - M. Cox ½ - ½
6. M. van Driel - J. Vermeulen 0 - 1
7. G. Tiellemans - L. Hovens 0 - 1
8. D. Claassen - A.J.W. Blank ½ - ½
Afgelopen zaterdag begonnen de eerste twee teams van Dubbelschaak vol goede moed aan de schaakcompetitie. Dubbelschaak-1 in de veronderstelling dit seizoen weer volop mee te kunnen doen aan het kampioenschap, Dubbelschaak-2 ten volle bewust dat het een zwaar seizoen zal worden na de promotie van afgelopen voorjaar. Tegen het op papier veel zwakkere Veenendaal en tegen Gardé uit Maarheeze moesten er kansen liggen. Er was zelfs voor het eerst sinds jaren veel publiek. Maar voor beide teams liep de wedstrijd uit op een grote teleurstelling.
Aanvankelijk zag het er helemaal niet slecht uit. Vooral in het eerste team werden in de eerste paar uur heel degelijke gezonde stellingen opgebouwd die allerlei kansen boden. Maar het was ook al snel zichtbaar dat de Dubbelschakers veel bedenktijd consumeerden. En daar ging het mis.
Toen Huub van Dongen op het eerste bord na zo’n drie uur spelen remise kreeg aangeboden, begonnen zich boven allerlei borden al donkere wolken af te tekenen. Hij besloot daarom remise te weigeren, maar even later had hij nog maar vier minuten bedenktijd voor twintig zetten over.
Bij Peter Boll, Martien van der Meijden en Michiel Luijpen was het toen al verschrikkelijk mis gegaan. Maar op de andere borden was de strijd nog open. Een degelijke overwinning van Michel van der Stee, die zijn tegenstander fraai van het bord combineerde, en Rob van Meurs, die vanuit de opening gestaag zijn stelling versterkte en nergens in gevaar kwam, kon de naderende nederlaag echter niet meer afwenden. Van Dongen combineerde zich in tijdnood nog naar een gewonnen stelling, maar verblunderde vervolgens een toren. Tot overmaat van ramp verloor Hans Heijstek een stelling die iedereen lange tijd als volkomen gelijk had ingeschat en slaagde Ad Kleijberg er niet in een voordelig toreneindspel in winst om te zetten. Zo kwam de nederlaag uit op 2½-5½, een akelig slecht resultaat tegen een team dat vorig seizoen nog met 6-2 was verslagen.
Dubbelschaak-2 kwam er tegen Gardé ook niet aan te pas. Ook die wedstrijd kreeg de uitslag 2½-5½, waarbij als enige positieve punt de fraaie overwinning van Franck Steenbekkers op het eerste bord mag worden genoteerd. Wil van Lankveld, Niels Heijstek en Diederik Claassen speelden remise. Het moge duidelijk zijn dat Dubbelschaak een zwaar seizoen te wachten staat, want er staan beslist nog veel sterkere tegenstanders op het programma.
Dubbelschaak '97 2065 - Veenendaal 2002 2½ - 5½
1. Huub van Dongen 2148 - Tjaart Jan Offringa 2027 0 - 1
2. Michel van der Stee 2142 - Tijmen Kampman 2008 1 - 0
3. Peter Boll 2148 - Jef Verwoert 2084 0 - 1
4. Martien van der Meijden 2043 - Joost Offringa 2016 0 - 1
5. Ad Kleijberg 2118 - Stefan Bekker 1945 ½ - ½
6. Michiel Luijpen 1976 - Leo Hovestadt 2066 0 - 1
7. Rob van Meurs 1991 - Gunie du Chatinier 1945 1 - 0
8. Hans Heijstek 1955 - Benno van der Veen 1929 0 - 1
Dubbelschaak 2 - Gardé 2½ - 5½
1. F. Steenbekkers - H.M.P. van Himbergen 1 - 0
2. G. Berkelmans - A.J.H.A. Al 0 - 1
3. W. van Lankveld - C. Winters ½ - ½
4. M.v/d Elzen - J.M.M. Broekhuis 0 - 1
5. C.H. Heystek - M. Cox ½ - ½
6. M. van Driel - J. Vermeulen 0 - 1
7. G. Tiellemans - L. Hovens 0 - 1
8. D. Claassen - A.J.W. Blank ½ - ½
donderdag 25 september 2008
Dame Blanche
Meestal krijg je een schaaltje of een sorbetglas met een paar bolletjes vanille-ijs, slagroom, wat garnering en een koffiemelkkannetje gesmolten chocolade. Soms is de chocoladesaus er al over uitgeschonken. De garnering varieert: fruit, geroosterde amandelsnippers, geraspte chocola. Maar het oorspronkelijke gerecht van Auguste Escoffier, genoemd naar de opera La Dame Blanche van de Franse componist François Boieldieu, met amandelijs, witte perziken, witte aalbessen en een opgespoten rand van witte citroensorbet (en natuurlijk zonder chocola, want de dame is wit) heb ik nog nooit ergens gehad.
Na een wedstrijd in de schaakcompetitie is het goed gebruik bij bijna alle schaakclubs om met het hele team ergens te gaan eten. Meestal vrij eenvoudig, bij een Chinees, een Italiaan, een Steakhouse of een eetcafé. Dan wordt het gezellig. Er wordt stevig gedronken. De spelers geven hoog op van hun mooie partij of klagen erbarmelijk over de gemiste kansen en dan komt het gesprek op allerlei buitengewone onderwerpen van literatuur tot aandelenkoersen en politiek.
Zaterdag begint de competitie weer. De wedstrijden zijn om een uur of zeven afgelopen. Dus als u rond acht uur ergens in Nederland een groepje van acht luidruchtige mannen in een dubieus etablissement ziet zitten brassen, dan is het redelijk om te veronderstellen dat het om een schaakteam gaat. Soms zijn er ook een paar vrouwen bij en dan gaat het er vaak iets rustiger aan toe. Als ze geen schaakspel bij zich hebben, moet u om zekerheid te krijgen even op het dessert wachten. Ze nemen bijna allemaal een dame blanche, een witte dame. Dan weet u het wel.
Dubbelschaak speelt zaterdag thuis, om 13.00 uur in Grand Café Rembrandt. Publiek is van harte welkom, als het maar stil is. Na afloop van de wedstrijd wordt het lawaaierig genoeg. De toegang is gratis.

Vorige week werd de Nederlandse schaakgrootmeester Jan Werle in Liverpool Europees kampioen. Hij scoorde in een zeer sterk veld maar liefst 8 uit 10. Een wereldprestatie. Opgave 240 is een fragment uit dat toernooi. Wit aan zet besliste in Thal Abergel-Michael White de partij op fraaie wijze. Hoe?

In opgave 239 won Ghazgalyev met zwart simpel door 1. … Tc2-d2! 2. Td1xd2 Pf3xd2 en omdat er ineens mat dreigt op f1, verliest wit minstens een stuk. De opgave is afkomstig van stappenmethode.nl, de website van Cor van Wijgerden die de methode ontwikkelde waarmee in Nederland de meeste jeugdspelers worden getraind. Met succes. De nieuwe Europees kampioen Jan Werle is ook stap voor stap groot geworden.
Alle informatie over het schaken in Boxtel vindt u op de Dubbelschaak-website. Onder 'reacties' kunt u uw commentaar kwijt en de oplossing van de opgave van de week.
Na een wedstrijd in de schaakcompetitie is het goed gebruik bij bijna alle schaakclubs om met het hele team ergens te gaan eten. Meestal vrij eenvoudig, bij een Chinees, een Italiaan, een Steakhouse of een eetcafé. Dan wordt het gezellig. Er wordt stevig gedronken. De spelers geven hoog op van hun mooie partij of klagen erbarmelijk over de gemiste kansen en dan komt het gesprek op allerlei buitengewone onderwerpen van literatuur tot aandelenkoersen en politiek.
Zaterdag begint de competitie weer. De wedstrijden zijn om een uur of zeven afgelopen. Dus als u rond acht uur ergens in Nederland een groepje van acht luidruchtige mannen in een dubieus etablissement ziet zitten brassen, dan is het redelijk om te veronderstellen dat het om een schaakteam gaat. Soms zijn er ook een paar vrouwen bij en dan gaat het er vaak iets rustiger aan toe. Als ze geen schaakspel bij zich hebben, moet u om zekerheid te krijgen even op het dessert wachten. Ze nemen bijna allemaal een dame blanche, een witte dame. Dan weet u het wel.
Dubbelschaak speelt zaterdag thuis, om 13.00 uur in Grand Café Rembrandt. Publiek is van harte welkom, als het maar stil is. Na afloop van de wedstrijd wordt het lawaaierig genoeg. De toegang is gratis.

Vorige week werd de Nederlandse schaakgrootmeester Jan Werle in Liverpool Europees kampioen. Hij scoorde in een zeer sterk veld maar liefst 8 uit 10. Een wereldprestatie. Opgave 240 is een fragment uit dat toernooi. Wit aan zet besliste in Thal Abergel-Michael White de partij op fraaie wijze. Hoe?

In opgave 239 won Ghazgalyev met zwart simpel door 1. … Tc2-d2! 2. Td1xd2 Pf3xd2 en omdat er ineens mat dreigt op f1, verliest wit minstens een stuk. De opgave is afkomstig van stappenmethode.nl, de website van Cor van Wijgerden die de methode ontwikkelde waarmee in Nederland de meeste jeugdspelers worden getraind. Met succes. De nieuwe Europees kampioen Jan Werle is ook stap voor stap groot geworden.
Alle informatie over het schaken in Boxtel vindt u op de Dubbelschaak-website. Onder 'reacties' kunt u uw commentaar kwijt en de oplossing van de opgave van de week.
donderdag 18 september 2008
Operationele handelingen
Naar aanleiding van de schaakrubriek van twee weken geleden, wees een lezer me erop dat naast strategie en tactiek in de bedrijfskunde het zogenaamde ‘operationele handelen’ wordt beschreven. Bij het operationele handelen worden de beslissingen voor de korte termijn genomen en de strategische en tactische plannen uitgevoerd.
In het schaakspel is het niet anders. De grootmeester kan allerlei strategische ideeën hebben over het verloop van de partij op de langere termijn, hij kan allerlei tactische complicaties hebben uitgerekend, er komt een moment dat hij een zet moet doen. Zelfs dan kan er nog van alles misgaan.
Soms worden er onreglementaire zetten gedaan of wordt het verkeerde stuk vastgepakt. Er vallen stukken om, men vergeet de klok in te drukken. Iedere geoefende schaker kent het verschijnsel dat hij soms per ongeluk een zet doet die hij pas enkele zetten later had willen spelen. Een heel pijnlijke blunder, want zo wordt alles wat het brein bedacht heeft door een gebrekkige oog-handcoördinatie te niet gedaan. De emoties kunnen hoog oplopen.
Daarom zijn de operationele handelingen in het schaakspel, net als in het bedrijfsleven, streng gereglementeerd. Wie een stuk aanraakt, is verplicht ermee te zetten. Een zet terugnemen mag niet. Men moet met dezelfde hand waarmee men zet, de klok indrukken. En de zetten moeten worden genoteerd om alles correct terug te kunnen zetten als er iets omvalt.
Godfried Bomans dreef in zijn verhaal Wat denkt een meester ervan? uit de bundel Buitelingen de spot met de bureaucratie. “De Russische schaker Reshewsky had een vakje in zijn schaakbord uitgezaagd en weer met een scharnier op zijn plaats gebracht. Onder de tafel had hij nu een touwtje bevestigd, waaraan hij slechts behoefde te trekken om het vijandige stuk, dat zich op het vierkantje bevond, in een gewatteerd zakje te doen verdwijnen. Zijn tegenstander Euwe protesteerde bij de spelleider, die er de statuten op na sloeg, en jawel hoor, daar stond het: ‘Het heimelijk doen verdwijnen van stukken in een gewatteerd zakje onder de tafel is niet geoorloofd.’”
In het schaakspel is het niet anders. De grootmeester kan allerlei strategische ideeën hebben over het verloop van de partij op de langere termijn, hij kan allerlei tactische complicaties hebben uitgerekend, er komt een moment dat hij een zet moet doen. Zelfs dan kan er nog van alles misgaan.
Soms worden er onreglementaire zetten gedaan of wordt het verkeerde stuk vastgepakt. Er vallen stukken om, men vergeet de klok in te drukken. Iedere geoefende schaker kent het verschijnsel dat hij soms per ongeluk een zet doet die hij pas enkele zetten later had willen spelen. Een heel pijnlijke blunder, want zo wordt alles wat het brein bedacht heeft door een gebrekkige oog-handcoördinatie te niet gedaan. De emoties kunnen hoog oplopen.
Daarom zijn de operationele handelingen in het schaakspel, net als in het bedrijfsleven, streng gereglementeerd. Wie een stuk aanraakt, is verplicht ermee te zetten. Een zet terugnemen mag niet. Men moet met dezelfde hand waarmee men zet, de klok indrukken. En de zetten moeten worden genoteerd om alles correct terug te kunnen zetten als er iets omvalt.
Godfried Bomans dreef in zijn verhaal Wat denkt een meester ervan? uit de bundel Buitelingen de spot met de bureaucratie. “De Russische schaker Reshewsky had een vakje in zijn schaakbord uitgezaagd en weer met een scharnier op zijn plaats gebracht. Onder de tafel had hij nu een touwtje bevestigd, waaraan hij slechts behoefde te trekken om het vijandige stuk, dat zich op het vierkantje bevond, in een gewatteerd zakje te doen verdwijnen. Zijn tegenstander Euwe protesteerde bij de spelleider, die er de statuten op na sloeg, en jawel hoor, daar stond het: ‘Het heimelijk doen verdwijnen van stukken in een gewatteerd zakje onder de tafel is niet geoorloofd.’”
Opgave 239 komt van Stappenmethode.nl, waar iedere dag acht nieuwe opgaven staan ter lering en vermaak. Zwart aan zet wint.


Opgave 238 is een studie van Prokes die er de regel van het vierkant mee illustreert. Om remise te maken, moet wit pion h7 stoppen. Opmerkelijk genoeg moet hij eerst de andere kant op: 1. Kd8-c8! (dreigt a6-a7-a8) Kd6-c6 2. Kc8-b8! (dreigt weer op te rukken) Kc6-b5 3. Kb8-b7 Kb5xa5 4. Kb7-c6 h7-h5 5. Kc6-d5 en de witte koning staat in het vierkant van de zwarte pion en haalt hem dus precies op tijd in.
Alle informatie over het schaken in Boxtel vindt u op de Dubbelschaak-website. Onder 'reacties' kunt u uw commentaar en oplossing van de opgave van de week kwijt.
Alle informatie over het schaken in Boxtel vindt u op de Dubbelschaak-website. Onder 'reacties' kunt u uw commentaar en oplossing van de opgave van de week kwijt.
donderdag 11 september 2008
Even kennismaken
Wie echt goed wil leren schaken, moet natuurlijk jong beginnen. Gelukkig zijn kinderen al snel gefascineerd door de bijzondere vormgeving van ons spel en de raadselachtige loop van de stukken. Ze hoeven het maar te zien en willen het leren spelen. Het heeft dezelfde betovering als muziek. En net als bij muziek kan iedereen er plezier aan beleven, al wordt maar een enkeling echt goed.
Om kinderen kennis te laten maken met het schaakspel organiseert de jeugdafdeling van Dubbelschaak op de donderdagen 11 en 18 september inloopavonden op Brede School De Wilgenbroek. Van 18.30 tot 19.30 uur komt daar iedere week de jeugdafdeling bij elkaar. Ze krijgen er les en spelen een onderlinge competitie. Tijdens de inloopavonden zijn alle kinderen (met hun ouders) welkom om eens te komen kijken. De kennismaking is bedoeld voor basisschoolkinderen van groep 4 tot en met 8. Jonger kan bij wijze van uitzondering ook, maar het is wel handig als de kinderen al een beetje kunnen lezen en schrijven.
Uiteraard is het programma aangepast aan de bezoekers. In plaats van de schaakles houden we een schaakquiz met aangepaste vragen voor de nieuwe kinderen. En terwijl de kinderen van de schaakclub hun competitie spelen, geven de begeleiders de bezoekers al wat uitleg over het spel.
Aan de inloopavonden zijn geen kosten verbonden. Het lidmaatschap van de club kost voor kinderen € 40 per jaar. Daarbij is alles inbegrepen, ook een werkboek en het spelmateriaal op de club. Als de kinderen het spel echt leuk vinden, is het natuurlijk wel fijn als ze thuis ook een schaakspel hebben. Daar zijn verschillende voordelige adressen voor.
Laatste nieuws: Dubbelschaak heeft een weblog voor de jeugd geopend om de kinderen regelmatig over allerlei schaakactiviteiten te informeren.

Op de jeugdafdeling maken kinderen al snel kennis met pionneneindspelen. In opgave 238 is het thema de ‘regel van het vierkant’. Stapt de koning in het vierkant van de pion, dan houdt hij, als er verder geen obstakels zijn, de pion tegen. Na de slechte zet 1. a5-a6 stapt de zwarte koning op c6 in het vierkant a6-c6-c8-a8 en stopt de vrijpion. Wit kan zwarts vrijpion niet zo eenvoudig tegenhouden, want die mag op de beginzet immers nog twee vakjes vooruit. Hoe kan wit in de diagramstelling toch remise maken?

In de stelling van opgave 237 won Fischer met wit snel met de strategische zet 1. Td1-a1! om met a2-a4 een tweede front te openen. De hele partij, met uitgebreid commentaar, kunt u hier naspelen. Om zetten te doen hoeft u alleen op de pijltjes onder het schaakbord te klikken.
Alle informatie over het schaken in Boxtel vindt u op de Dubbelschaak-website. Onder 'reacties' kunt u uw commentaar en oplossing van de opgave van de week kwijt.
Om kinderen kennis te laten maken met het schaakspel organiseert de jeugdafdeling van Dubbelschaak op de donderdagen 11 en 18 september inloopavonden op Brede School De Wilgenbroek. Van 18.30 tot 19.30 uur komt daar iedere week de jeugdafdeling bij elkaar. Ze krijgen er les en spelen een onderlinge competitie. Tijdens de inloopavonden zijn alle kinderen (met hun ouders) welkom om eens te komen kijken. De kennismaking is bedoeld voor basisschoolkinderen van groep 4 tot en met 8. Jonger kan bij wijze van uitzondering ook, maar het is wel handig als de kinderen al een beetje kunnen lezen en schrijven.
Uiteraard is het programma aangepast aan de bezoekers. In plaats van de schaakles houden we een schaakquiz met aangepaste vragen voor de nieuwe kinderen. En terwijl de kinderen van de schaakclub hun competitie spelen, geven de begeleiders de bezoekers al wat uitleg over het spel.
Aan de inloopavonden zijn geen kosten verbonden. Het lidmaatschap van de club kost voor kinderen € 40 per jaar. Daarbij is alles inbegrepen, ook een werkboek en het spelmateriaal op de club. Als de kinderen het spel echt leuk vinden, is het natuurlijk wel fijn als ze thuis ook een schaakspel hebben. Daar zijn verschillende voordelige adressen voor.
Laatste nieuws: Dubbelschaak heeft een weblog voor de jeugd geopend om de kinderen regelmatig over allerlei schaakactiviteiten te informeren.

Op de jeugdafdeling maken kinderen al snel kennis met pionneneindspelen. In opgave 238 is het thema de ‘regel van het vierkant’. Stapt de koning in het vierkant van de pion, dan houdt hij, als er verder geen obstakels zijn, de pion tegen. Na de slechte zet 1. a5-a6 stapt de zwarte koning op c6 in het vierkant a6-c6-c8-a8 en stopt de vrijpion. Wit kan zwarts vrijpion niet zo eenvoudig tegenhouden, want die mag op de beginzet immers nog twee vakjes vooruit. Hoe kan wit in de diagramstelling toch remise maken?

In de stelling van opgave 237 won Fischer met wit snel met de strategische zet 1. Td1-a1! om met a2-a4 een tweede front te openen. De hele partij, met uitgebreid commentaar, kunt u hier naspelen. Om zetten te doen hoeft u alleen op de pijltjes onder het schaakbord te klikken.
Alle informatie over het schaken in Boxtel vindt u op de Dubbelschaak-website. Onder 'reacties' kunt u uw commentaar en oplossing van de opgave van de week kwijt.
donderdag 4 september 2008
Strategie en tactiek
Hoewel de termen nog al eens door elkaar gehaald worden, bedoelt men met ‘strategie’ in het algemeen het maken en uitvoeren van plannen voor de lange termijn. Zowel in de krijgskunde als de economie wordt de term zo gebruikt en bij schaken is het al niet anders. Bij tactiek gaat het in de oorlogsvoering om de concrete gevechtshandelingen, in het bedrijfsleven over operationele beslissingen op kortere termijn, en in de schaaksport om de directe slagwisselingen. De resultaten van die slagwisselingen kunnen systematisch worden uitgerekend. Ze kunnen al dan niet het materiële evenwicht verstoren of zelfs tot mat leiden.
In de tactische aspecten van het schaakspel, het concrete rekenen dus, is de moderne computersoftware de mens ver overvleugeld. Maar strategisch zijn de menselijke topspelers superieur. Al rekent een computer in iedere stelling tegenwoordig zo’n tien zetten vooruit, de grootmeester houdt de partij meestal met strategisch spel gemakkelijk in evenwicht. Hoe doet zo’n grootmeester dat? Zelf houden ze het op intuïtie.
De ontdekkers van het strategische schaak waren de eerste twee officiële wereldkampioenen Wilhelm Steinitz en Dr. Emanuel Lasker. Zij maakten onderscheid tussen voordeeltjes voor de langere termijn, zoals een betere pionnenstructuur of het loperpaar, tegenover tijdelijke voordelen, zoals ontwikkelingsvoorsprong en ruimtevoordeel. Veel partijen speelden ze in “Vorgabestil”, zoals dat toen werd genoemd. Ze accepteerden schijnbaar achteloos tijdelijke nadeeltjes om op de lange duur de partij met hun eigen duurzamere strategische voordeel te beslissen.
De werkelijkheid op het schaakbord is echter beperkt. Het aantal mogelijkheden is ontzagwekkend groot, maar de moderne computers zijn razendsnel. Deep Blue, de IBM-computer die in 1997 nipt wereldkampioen Gary Kasparov in een match versloeg, evalueerde gemiddeld 126 miljoen stellingen per seconde. Als u zich realiseert dat computerchips iedere twee jaar dubbel zo snel worden, begrijpt u dat het schaakspel binnen niet al te lange tijd gewoon uitgerekend kan worden. En niet alleen het schaakspel: ook economische beslissingen kunnen in de toekomst veel beter op grond van computerberekeningen worden genomen, dan op basis van de intuïtie van de topmannen. Om over de oorlog maar te zwijgen. Alles is dan tactiek geworden. Het zo deftige woord ‘strategie’ is daarna voorbehouden voor de boerenslimheid waarmee de mens zijn beperkte vermogens weet te maskeren.

In opgave 237 vragen wij u een strategische oplossing te bedenken. Althans: in mijn jeugd stond de zet die Fischer hier met wit speelde, bekend als een staaltje van groot strategisch inzicht. Nu vindt Fritz de zet snel en stelt nog twee gelijkwaardige alternatieven voor.

In opgave 236 won Rick van Loy met zwart overtuigend van Internationaal Meester Twan Burg via het fraaie 1. … Tf8-f5!!, waarna wits dame verloren gaat. Bijvoorbeeld 2. Dg5-g4 h7-h5 en wit moet in een dodelijk aftrekschaak gaan staan.
U vindt een animated gif van de oplossing op dubbelschaak.nl. Onder 'REACTIES' (gewoon even erop klikken onder dit bericht) kunt u opmerkingen kwijt en natuurlijk de oplossing van de opgave van de week.
In de tactische aspecten van het schaakspel, het concrete rekenen dus, is de moderne computersoftware de mens ver overvleugeld. Maar strategisch zijn de menselijke topspelers superieur. Al rekent een computer in iedere stelling tegenwoordig zo’n tien zetten vooruit, de grootmeester houdt de partij meestal met strategisch spel gemakkelijk in evenwicht. Hoe doet zo’n grootmeester dat? Zelf houden ze het op intuïtie.
De ontdekkers van het strategische schaak waren de eerste twee officiële wereldkampioenen Wilhelm Steinitz en Dr. Emanuel Lasker. Zij maakten onderscheid tussen voordeeltjes voor de langere termijn, zoals een betere pionnenstructuur of het loperpaar, tegenover tijdelijke voordelen, zoals ontwikkelingsvoorsprong en ruimtevoordeel. Veel partijen speelden ze in “Vorgabestil”, zoals dat toen werd genoemd. Ze accepteerden schijnbaar achteloos tijdelijke nadeeltjes om op de lange duur de partij met hun eigen duurzamere strategische voordeel te beslissen.
De werkelijkheid op het schaakbord is echter beperkt. Het aantal mogelijkheden is ontzagwekkend groot, maar de moderne computers zijn razendsnel. Deep Blue, de IBM-computer die in 1997 nipt wereldkampioen Gary Kasparov in een match versloeg, evalueerde gemiddeld 126 miljoen stellingen per seconde. Als u zich realiseert dat computerchips iedere twee jaar dubbel zo snel worden, begrijpt u dat het schaakspel binnen niet al te lange tijd gewoon uitgerekend kan worden. En niet alleen het schaakspel: ook economische beslissingen kunnen in de toekomst veel beter op grond van computerberekeningen worden genomen, dan op basis van de intuïtie van de topmannen. Om over de oorlog maar te zwijgen. Alles is dan tactiek geworden. Het zo deftige woord ‘strategie’ is daarna voorbehouden voor de boerenslimheid waarmee de mens zijn beperkte vermogens weet te maskeren.

In opgave 237 vragen wij u een strategische oplossing te bedenken. Althans: in mijn jeugd stond de zet die Fischer hier met wit speelde, bekend als een staaltje van groot strategisch inzicht. Nu vindt Fritz de zet snel en stelt nog twee gelijkwaardige alternatieven voor.

In opgave 236 won Rick van Loy met zwart overtuigend van Internationaal Meester Twan Burg via het fraaie 1. … Tf8-f5!!, waarna wits dame verloren gaat. Bijvoorbeeld 2. Dg5-g4 h7-h5 en wit moet in een dodelijk aftrekschaak gaan staan.
U vindt een animated gif van de oplossing op dubbelschaak.nl. Onder 'REACTIES' (gewoon even erop klikken onder dit bericht) kunt u opmerkingen kwijt en natuurlijk de oplossing van de opgave van de week.
Abonneren op:
Posts (Atom)

