donderdag 28 augustus 2008

Een kijksport

Een schaakspel ziet er mooi uit. Er zijn allerlei kunstzinnige ontwerpen gemaakt: stijlvol in twee kleuren op een licht en donker geblokt bord. Zelfs de standaardstukken, waar officiële wedstrijden mee worden gespeeld, zien er esthetisch verantwoord uit. Alleen gebeurt er zo weinig, vinden de netwerkcoördinatoren. De spelers zitten er als zoutzakken bij. En hooguit eens in de twee minuten zijn de nerds zo ver dat ze een zet kunnen doen.

Wie naar een schaakwedstrijd kijkt, moet er een beetje verstand van hebben. Anders is er niks aan. Maar geldt dat niet voor meer sporten en spellen?

Wanneer zelfs de dames van lichte zeden vermoeid zijn geraakt, zenden de commerciële omroepen sinds enkele jaren pokertoernooien uit. Poker is een simpel spelletje waar weinig aan te zien valt. Maar de pokerindustrie heeft een manier gevonden om het spel aantrekkelijk in beeld te brengen. Het urenlange passen en wachten op speelbare kaarten wordt eruit geknipt, de hoge inzetten worden met leuk tongue-in-cheek-commentaar begeleid en de verliezers worden door sexy modellen geïnterviewd. Omdat het om enorme sommen geld gaat, is het nog spannend ook. Dat is overigens niets nieuws. De meeste andere sporten, voetbal incluis, zijn live ook niet om aan te zien: de samenvatting maakt het leuk.

Ik heb nooit begrepen waarom schaakwedstrijden op die manier ook niet op televisie aan het grote publiek kunnen worden getoond. Schaken heeft immers aanzienlijk meer te bieden dan de meeste andere sporten en spellen. Het heeft een intellectueel niveau zonder weerga dat schreeuwt om uitleg, deskundig commentaar en smeetsiaanse lyriek.

Gelukkig heeft u de oude media om uw hobby te volgen niet meer nodig. We hebben internet. Van ieder toernooi worden de belangrijkste partijen live uitgezonden. Bij de wedstrijden in de wereldtop geven gevierde grootmeesters via chatboxen commentaar op de zetten van hun collega’s. Je kunt alle partijen na afloop in ieder gewenste snelheid naspelen. De diverse toernooisites in de wereld trekken dan ook miljoenen bezoekers. In oktober speelt: Kramnik tegen Anand om de wereldtitel in Bonn. In november volgt in Dresden de schaakolympiade. U kunt er bij zijn. De links vindt u via de Dubbelschaak-site.



Tijdens het Stukkenjagers-toernooi afgelopen weekend wist ik in drie van de zes ronden via de live-borden voor de koplopers het internet te bereiken. Daar ben ik trots op. Maar Tilburger Rick van Loy stal de show door op het podium al in de eerste ronde broodspeler Twan Burg van het bord te meppen. Van Loy had zwart. Opgave 236: zwart speelt en wint.



In opgave 235 wint wit met 1. Th7-g7+! Kg8xh8 2. Tg7-h7+ Kh8-g8 3. g6-g7 en na iedere torenzet van zwart volgt 4. Th7-h8+ met simpele winst.
U vindt een animated gif van de oplossing op www.dubbelschaak.nl. Onder 'REACTIES' (gewoon even erop klikken onder dit bericht) kunt u opmerkingen kwijt en natuurlijk de oplossing van de opgave van de week.

donderdag 21 augustus 2008

Vanaf groep 4

Je bent nooit te jong om te leren. Het is bijvoorbeeld heel goed mogelijk om kinderen al op kleuterleeftijd de basisspelregels van het schaakspel bij te brengen. De loop van de stukken hebben ze zo onder de knie en vaak vinden ze het nog leuk ook. Voor een schaakclub is het echter erg moeilijk om kleuters te begeleiden. Eén op één gaat het prima, maar in een groepje met kinderen van andere leeftijden is schaakles voor kleuters minder leuk, ook al omdat ze niet goed zelfstandig kunnen werken. Daarom neemt Dubbelschaak alleen kinderen aan die al een beetje kunnen lezen en schrijven.

Een jaar of zeven is de ideale leeftijd om met schaken te beginnen. Het taalgevoel is ver genoeg ontwikkeld om begrippen als links, rechts, schuin en recht te begrijpen. Ze pikken de zetten heel snel op en ook allerlei basiswendingen zoals slaan, ruilen, schaak opheffen en mat hebben ze binnen de kortste keren onder de knie.

Tijdens de lessen wordt gebruik gemaakt van de Stappenmethode van Van Wijgerden en Brunia. Van Wijgerden is Internationaal Schaakmeester en pedagoog. De helaas veel te vroeg overleden Brunia was didacticus. Hun methode speelt in op het ontwikkelingsniveau van basisschoolleerlingen vanaf groep 4. Stapsgewijs behandelt de methode de talloze trucs die het schaakspel zo leuk maken. Het verschil tussen Stap 1 en Stap 8 is vooral dat de trucs veel en veel dieper zijn. Ook de techniek van het eindspel en enige basiskennis van de openingstheorie komen in de latere stappen aan de orde.

Overigens wordt er op de jeugdschaakclub niet alleen les gegeven. Schaken is een spel, dus er wordt vooral gespeeld. En dan niet alleen gewoon schaken. Er zijn allerlei andere spelvormen bedacht om bepaalde facetten van het schaakspel te oefenen. Voor de loop van de stukken is “shuffleschaak” bedacht, waarbij niets wordt geslagen en het niet om de koning gaat, maar om de stukken zo snel mogelijk terug op hun plaats te krijgen. Om de namen van de velden en de notatie te oefenen vond Dubbelschaak “schaakdarten” uit, waarbij gericht moet worden op een zelfgemaakt schaakbord. Niet met pijltjes trouwens. Daar leent de motoriek van sommige schakers zich niet voor. Bij Dubbelschaak gebruiken we muntjes en een liggend bord.



Opgave 235 is een probleem van Kozlovski. Niet moeilijk, maar ook niet echt voor beginners. Ongeveer Stap 5 lijkt me. Wit wint en dat lukt niet met 1. g6-g7, want daarmee sluit wit z’n loper op en dan komt hij niet meer verder.



Opgave 234 was veel moeilijker. Stap 7 op www.stappenmethode.nl, waar dagelijks leuke schaakproblemen opstaan op ieder niveau. Wit wint met 1. Tc4-f4+ Kf5-e6 2. Tg7-e7+ Ke6-d5 3. Te7xe5+!! Kd5xe5 4. Pa3-c4+ Ke5-d5 (4. … Ke6 5. Pg5+ Kd5 6. Pd3+ Ke5 komt op hetzelfde neer) 5. Pc4-e3+ Ke5-e6 6. Ph3-g5+ Ke6-e5 7. Tf4-e4+ Ke5-d6 8. Te4-e6+!! Tf6xe6 9. Pg5-f7 mat. Helemaal geforceerd, maar wel erg diep.

U vindt een animated gif van de oplossing op www.dubbelschaak.nl. Onder 'REACTIES' (gewoon even erop klikken onder dit bericht) kunt u opmerkingen kwijt en natuurlijk de oplossing van de opgave van de week.

donderdag 14 augustus 2008

Grand Café Rembrandt

Later dit jaar verschijnt Pierre van Amelsvoorts Kroegenboek. Deze rubriek geeft op voorhand al een aanvulling over het schaakleven in de diverse Boxtelse etablissementen.

De Waltoren was nog maar net een fusie aangegaan met De Gestelse Pion toen Charles en Petra Melis aankondigden Gasterij ’t Huiske te verkopen. Het afscheid was hartelijk. Charles en Petra ontvingen een fraai Sri Lankaans schaakspel van de vereniging, maar uiteraard maakten de Dubbelschakers zich grote zorgen over de plannen van de nieuwe eigenaars, Geert en Colette van der Wal.

Terwijl de schaakclub enkele maanden onderdak vond in de serre van De Postiljon en de aula van het Jacob Roelandslyceum, werd ’t Huiske verbouwd tot Grand Café. De tijdelijke huisvesting klikte aardig, maar het bleef behelpen. Gelukkig waren de schakers na de verbouwing van harte welkom om terug te keren op de vertrouwde stek.

De accommodatie was erop vooruit gegaan. Vooral de zaal achter, waar de schakers altijd hun competitiewedstrijden tegen andere clubs afwerkten, was enorm opgeknapt. Maar de sfeer in het eetcafé en aan de bar was niet optimaal. Er ontbrak iets. En al gauw besloten Geert en Colette de verbouwing nog eens flink over te doen. De ingang werd verplaatst, de vloer werd verbeterd, er kwam ander meubilair en wat bij de heropening vooral opviel, waren de vele wandschilderingen en reproducties. Tot aan het plafond toe. Zo werd Grand Café Rembrandt geboren, een gezellige tent met een voor een eetcafé heel behoorlijke kaart.

Meer reclame is in een schaakrubriek natuurlijk ongepast, maar u zult begrijpen dat de schaakclub zich er bijzonder thuis voelt. Dubbelschaak houdt er iedere dinsdag clubavond. Komt u gerust vrijblijvend eens kijken. Dinsdag 19 augustus is er een avondje vrij schaken in Rembrandt. Op 26 augustus houdt Dubbelschaak een Algemene Ledenvergadering om het seizoen te openen. Een week later gaan de reguliere clubactiviteiten weer van start: een interne competitie (in verschillende niveaugroepen van beginners tot landelijk competitieschakers), rapidtoernooien, de Meierijcup, externe competitiewedstrijden, instructiebijeenkomsten en nog veel en veel meer. Alle informatie vindt u op http://www.dubbelschaak.nl/. Wie zich nu aanmeldt, kan nog overal aan meedoen.



Schakers vinden het in het café bijzonder leuk om elkaar lastige probleemstellingen voor te leggen. Tot iemand ineens een veel te moeilijke truc op het bord zet. Dan begint het gemopper. Bij opgave 234 mag u gerust even zuchten en steunen. Wit wint.



Ook opgave 234 was al lastig. Wit wint met 1. c6-c7 Kd6xc7 2. a5xb6+ Kc7xb8 3. b6-b7 en zwart is in zetdwang. Zijn koning moet spelen en dan volgt winnend 4. b7xb8D.

U vindt een animated gif van de oplossing op http://www.dubbelschaak.nl/. Onder 'REACTIES' (gewoon even erop klikken onder dit bericht) kunt u opmerkingen kwijt en natuurlijk de oplossing van de opgave van de week.

Taveerne ’t Huiske

Later dit jaar verschijnt Pierre van Amelsvoorts Kroegenboek. Deze rubriek geeft op voorhand al een aanvulling over het schaakleven in de diverse Boxtelse etablissementen.

De ondergang van Café De Zwaan luidde een nieuw tijdperk in voor het Boxtelse schaakleven. De toenmalige club De Waltoren vond opmerkelijk gemakkelijk een nieuw onderkomen in Taveerne ’t Huiske aan de Rechterstraat, het adres waar Dubbelschaak nu twintig jaar later nog steeds haar verenigingsactiviteiten ontplooit. Maar er is in die tijd wel veel veranderd.

’t Huiske was het café van Charles en Petra Melis, die eerder in de Wilhelminastraat Skopas hadden geëxploiteerd, een luidruchtige dancing die hen geen windeieren had gelegd. ’t Huiske was een veel rustigere zaak, van meet af aan al een soort Grand Café. Maar wat vooral opviel in ’t Huiske, was de netheid. De inrichting was die van een bruine kroeg, maar het was er zo proper als in een operatiekamer. Wanneer twee schakers zich wat vroeger op de avond dan gebruikelijk van het speellokaal op de bovenverdieping naar het café begaven om daar onder het genot van een biertje nog wat na te schaken, werden ze herhaaldelijk met luide stemme door Petra naar boven gebonjourd, omdat ze anders wel eens sigarettenas in een asbak konden tippen.

Alles was altijd spik en span in het café, zelfs ten tijde van de vele verbouwingen die er achtereenvolgens werden uitgevoerd, want net als poetsen voor Petra, was klussen Charles lust en leven. De trap naar de bovenverdieping werd verplaatst, de toiletgroepen, de bar, van het één kwam het ander. Op een gegeven moment werden zelfs de toiletten op de bovenverdieping aangepakt. Of beter gezegd afgebroken, want ook boven pisten de schakers wel eens naast het potje.

Ondanks alle eigenaardigheden beviel het de schakers uitstekend in ’t Huiske. De zaalvoorziening was geweldig en de club kon er naast de competitie allerlei toernooien organiseren, van het Hoekpion-toernooi, jaarlijks op Koninginnedag, tot het Brabants Kampioenschap. De schakers kregen alle medewerking. De schrik sloeg de schaakgemeenschap dan ook behoorlijk om het hart, toen Charles en Petra de zaak verkochten en naar Luxemburg vertrokken.



Nog een plagerijtje waar schakers elkaar mee proberen af te troeven in het café. Opgave 233: wit wint.



Opgave 232 is een vereenvoudiging van een beroemde eindspelstudie van Troitzky. Wit wint verrassend met 1. Lg5-h6 Kg8-f7 2. g7-g8D!! Kf7xg8 3. Ke5xe6 Kg8-h8 4. Ke6-f7 en 5. Lh6-g7 mat.

U vindt een animated gif van de oplossing op http://www.dubbelschaak.nl/. Onder 'REACTIES' (gewoon even erop klikken onder dit bericht) kunt u opmerkingen kwijt en natuurlijk de oplossing van de opgave van de week.

Café De Zwaan

Geïnspireerd door Pierre van Amelsvoorts Kroegenboek, dat later dit jaar zal verschijnen, beschrijf ik deze zomer in deze rubriek de etablissementen waar de Boxtelse schaakvereniging in de loop der jaren gehuisvest was. Dit keer: Café De Zwaan.

Halverwege de jaren tachtig besloot John van Unen Boxtel te verlaten. Hij verkocht de zaak en begon een pannenkoekenhuis in Woudsend. De Friese lucht zou Renate wellicht goed doen. De afscheidsfeestjes van de schakers duurden maanden. Het werd later en later, want de Niks moest op. Er hoefde niet eens meer voor betaald te worden. En John werd benoemd tot erelid van De Waltoren.

Het café werd overgenomen door Johan en Gérard, achternamen heeft voor zover ik weet niemand ooit gehoord, en omgedoopt in Café De Zwaan. De overgang viel het schaakvolk zwaar. Niet alleen waren de nieuwe eigenaars de herenliefde toegedaan, ze hielden er ook de gewoonte op na alle consumpties te noteren. Bovendien verdween de flipperkast. Gelukkig bleef de clientèle ongeveer hetzelfde: zo ongeveer alle drankzuchtigen uit de artistieke en links-intellectuele hoek van Boxtel. Helaas werd aan het broodnodige onderhoud niets gedaan, maar de zaak liep als een trein.

Zo goed zelfs dat de uitbaters al snel op het idee kwamen om hun Horeca-ambities uit te breiden. Ze verkochten het uitgewoonde Café-Billard aan ene De Koning, die er al gauw een soort supportershome van maakte. De schakers wisten niet hoe gauw ze moesten wegkomen. Korte tijd later werd het pand, waar sinds mensenheugenis roemruchte café’s waren gevestigd, gesloopt.

Johan en Gérard hadden intussen Het Vergulde Hert op de Markt overgenomen. Ze maakten er een voor schakers totaal ongeschikt maar erg succesvol scholierencafé van en doopten het om tot “Het Hart van Boxtel”. Zo werd het echter door niemand genoemd. Johan en Gérard zijn al lang uit Boxtel vertrokken, maar de bijnaam blijft “De Bips”.



Opgave 232 is een caféprobleem naar een studie van Troitzky. Wit speelt en wint.



Opgave 231 is een echt schaakprobleem voor dammers. Wit wint met een klassieke doorbraak beginnend met 1. g4-g5. Nu volgt op 1. … f6xg5 2. h4-h5 g6xh5 3. f4-f5 en wit haalt dame, en op 1. … h6xg5 2. f4-f5 g6xf5 3. h4-h5 en ook dan is wit er door.

U vindt een animated gif van de oplossing op http://www.dubbelschaak.nl/. Onder 'REACTIES' (gewoon even erop klikken onder dit bericht) kunt u opmerkingen kwijt en natuurlijk de oplossing van de opgave van de week.

dinsdag 29 juli 2008

Café John van Unen

Geïnspireerd door Pierre van Amelsvoorts Kroegenboek, dat later dit jaar zal verschijnen, beschrijf ik deze zomer in deze rubriek de etablissementen waar de Boxtelse schaakvereniging in de loop der jaren gehuisvest was. Deze week: Café John van Unen.

Café John van Unen is in Pierre’s boek ongetwijfeld een van de meest legendarische café’s uit de Boxtelse geschiedenis. John van Unen was, toen hij zich in Boxtel vestigde, al een gedistingeerde heer op leeftijd, maar wel één met heel bijzondere karaktertrekken. Een heer van stand, met drie vingers aan één hand, lange witte borstelige wenkbrauwen en felle ogen. Hij combineerde de brutaliteit die in Amsterdam voor humor doorgaat aan de kennis van de kosmopoliet, want hij had in allerlei oorden in de Horeca gewerkt.

Zijn vrouw Renate was een zachtaardige blonde vrouw uit Gdansk, die in vroegere jaren een schoonheid moet zijn geweest. Helaas leed ze, zoals zo veel cafévrouwen, aan chronische migraine, maar als ze in het café kwam, werd het altijd gezellig. Bij John hing dat een beetje af van de gasten. Was iemand uit de gratie, dan zag John hem niet staan en keurde hem geen blik waardig, laat staan dat hij hem bediende. Maar de schakers werden zijn vrienden. Ze waren altijd welkom, zelfs als het café wegens carnaval of kermis was gesloten, want daar hield John niet van. Zijn publiek was cultureel Boxtel: professionele kunstenaars, amateurs en would-be’s.

Behalve bier schonk John allerhande zelfbedachte cocktails. Zijn ‘LSD’ was berucht en leidde zelfs een keer tot politiebezoek. Maar onder schakers was vooral ‘Niks’ populair, een mix op basis van een verkeerd geleverde Kaiserbitter. De schakers mochten als enige na sluitingstijd blijven en dan kregen ze Niks, zodat ze thuis naar waarheid konden zeggen dat ze Niks hadden gedronken, net als tegen de politie als ze aangehouden werden. Het werd met de week later bij de nazit: vier uur ’s nachts was geen uitzondering.

Uiteindelijk bleek dat het schaken op die manier zelfs huwelijken kon kosten, maar met de vereniging ging het uitstekend. Het oude zaaltje van de handboogschutters voldeed prima, ondanks de bedwelmende haard, die op een winteravond bijna een einde aan het Boxtelse schaakleven maakte. Het zat er iedere week helemaal vol.



John van Unen had in zijn jonge jaren in Amsterdam gedamd. Hij kende maar één schaaktrucje, dat hij afdrukte in een boekje met recepten en caféspelletjes voor zijn vaste klanten. Opgave 231: wit speelt en wint.



Opgave 230 is een klassieker die door Morphy bedacht schijnt te zijn. Wit geeft mat in twee door het verrassende 1. Th1-h6! Na 1. … g7xh6 is 2. g6-g7 mat. Na iedere loperzet volgt 2. Th6xh7 mat.

U vindt een animated gif van de oplossing op http://www.dubbelschaak.nl/. Onder 'REACTIES' (gewoon even erop klikken onder dit bericht) kunt u opmerkingen kwijt en natuurlijk de oplossing van de opgave van de week. Wie geen blogger is, kan 'anoniem' inloggen, maar zet er dan wel even je naam bij; volledig anonieme reacties worden verwijderd.

Maison Van de Wetering

Geïnspireerd door Pierre van Amelsvoorts Kroegenboek, dat later dit jaar zal verschijnen, beschrijf ik de komende weken in deze rubriek de etablissementen waar de Boxtelse schaakvereniging in de loop der jaren gehuisvest was. Deze week: Maison Van de Wetering.

De publiciteit rond het wereldkampioenschap van Bobby Fischer in 1972 had een enorme groei van het aantal schaakliefhebbers tot gevolg. In eerste instantie kon De Waltoren de toeloop nog wel verwerken, want in De Walnoot kon zo nodig een tweede vergaderzaaltje worden gebruikt. Maar de lucht van rubberballen, judomatten en zweetsokken, die altijd in het gebouw hing, en het gebrek aan mogelijkheden om na afloop nog gezellig even na te praten, werd toch al gauw stevig voelbaar. Toen er in De Walnoot halverwege de jaren zeventig door een verbouwing bovendien slechts één kleiner speelzaaltje overbleef, was de club gedwongen naarstig op zoek te gaan naar een andere speelruimte.

Het werd Maison Van de Wetering, de grote horecagelegenheid met café, restaurant en zaalvoorzieningen aan de Stationsstraat op de plek waar nu Le Marécage en het Snookercentrum zijn gehuisvest. Het leek de ideale gelegenheid voor de schaakclub om door te groeien en zich op te sloten in de vaart der volkeren. De leden konden er behalve schaken een potje biljarten. De zaak was ruim genoeg, ook voor de competitiewedstrijden op zaterdag. Lekker dicht bij het station bovendien. Men kon er een hapje eten. De bar bood alle gelegenheid voor gezelligheid. Maar er was één probleem. Op dezelfde tijd dat de schakers er in alle stilte hun clubavond wilden beleven, repeteerde de Gildebondsharmonie in Maison Van de Wetering.

In tegenstelling tot de leden van HMC-Den Bosch, die jarenlang op vrijdagavond in De Wederkomstkerk speelden tijdens de repetitie van het kerkkoor, legden de Boxtelse schakers zich niet bij die situatie neer. Een andere clubavond bleek niet te bevallen. Dus dan maar op zoek naar een ander lokaal.

De oplossing kwam als ik goed geïnformeerd ben van Jozef Spierings, die toen lid was van De Waltoren. Hij was tevens stamgast in Café John van Unen. Achter dat café, in de tuin, stond een gebouwtje dat ooit gebruikt was door een boogschietvereniging maar nu leeg stond.


Opgave 230 is een typisch trucje waarmee spelers op schaakverenigingen elkaar plagen. Het gaat om een mat in twee. Niet moeilijk, maar wel verrassend.


Opgave 229 was ook zo’n spectaculair caféprobleem. Wit maakt op wonderlijke wijze remise door 1. De8-e3+!! Kf4xe3+ 2. Tg5-g3++ Dubbelschaak! De zwarte koning móet spelen, maar daarna is het door de vreemde penning van de witte stukken pat.

U vindt een animated gif van de oplossing op www.dubbelschaak.nl. Onder 'REACTIES' (gewoon even erop klikken onder dit bericht) kunt u opmerkingen kwijt en natuurlijk de oplossing van de opgave van de week. Wie geen blogger is, kan 'anoniem' inloggen, maar zet er dan wel even je naam bij; volledig anonieme reacties worden verwijderd.

donderdag 10 juli 2008

De Walnoot

Geïnspireerd door Pierre van Amelsvoorts Kroegenboek, dat later dit jaar zal verschijnen, beschrijf ik de komende weken in deze rubriek de etablissementen waar de Boxtelse schaakvereniging in de loop der jaren gehuisvest was. Jammer genoeg heb ik vooralsnog niets kunnen achterhalen over EBS, de Eerste Boxtelse Schaakvereniging, die al in de jaren twintig van de vorige eeuw actief was. We beginnen daarom in 1970, toen in De Walnoot een bijeenkomst werd belegd om een nieuwe schaakclub op te richten. Uw verslaggever was erbij!

De Walnoot was zo’n typische zestiger jaren wijkvoorziening. Een vierkant gebouwtje met een portaal, één wat grotere zaal met een houten vloer en klimrekken en daarachter twee verdiepingen met ieder een gang en een stuk of vier kleine vergaderzaaltjes, waarvan er eentje ingericht was als dependance van de bibliotheek. De lagere scholen, de Maria Regina voor meisjes en de Zonnehoek voor jongens, hadden er gymles. Na schooltijd werd er gejudood en geturnd, waarbij de gangen als kleedkamer werden gebruikt. Bovendien hield het Maria-Regina-kerkkoor er bonte avonden. En de zesdeklassers kregen er, jongens en meisjes zoals gebruikelijk apart, seksuele voorlichting van een daarvoor ingehuurde deskundige dame die zulke keurige woorden gebruikte dat we in eerste instantie niet wisten waar het over ging. En nu werd er dus een schaakclub opgericht.

Dat kwam mooi uit. Ik zat op de brugklas en de klassenleraar, die ik al een keer had verslagen, zat steeds te zeuren dat ik bij de schoolschaakclub moest komen. De Walnoot leek me een grotere uitdaging. En verdomd: de bijeenkomst werd vrijwel uitsluitend bezocht door rokende oudere heren die een enorme deskundigheid uitstraalden. Achteraf bleek van de meesten de leeftijd wel mee te vallen, net als de deskundigheid trouwens, maar in elk geval werd onder leiding van een vertegenwoordiger van de NBSB en de heer Van Loon van de Gemeente Boxtel al snel besloten dat er inderdaad een schaakclub zou komen. Alleen een laatste mohikaan van EBS, ik meen dat hij Clemens heette, sputterde nog even tegen dat de club dan wel in een zaal in het dorp moest spelen.

Na enig hilarisch heen en weer gepraat over De Gevulde Dame en de Manke Loper werd als naam voor De Waltoren gekozen. De club werd al gauw een succes. De Walnoot beviel uitstekend en beheerder Jan de Kok deed zijn best, verschafte tegen een redelijke prijs koffie en fris en wilde heel af en toe, bij speciale gelegenheden, zijn kleine barretje wel eens openen. Toen Bobby Fischer de schaaksport ook nog eens groot in het nieuws bracht, barstte de schaakclub binnen de kortste keren uit zijn voegen.


Opgave 229 is een bijzonder staaltje gecomponeerd door Gurgenidze. Wit aan zet maakt remise.


Na 1. Pf3-d4 Dd6-b4 besliste Jan Werle tegen Migchiel de Jong de partij met 2. Tc1xc8!! Db4xe1+ 3. Kg1-h2 e5xd4 (of 3. … Txc8 4. Pf5 en wint) 4. Tc8xd8+ Kg8-h7 5. Dg3-b8 en zwart gaf op.

U vindt een animated gif van de oplossing op www.dubbelschaak.nl. Onder 'REACTIES' (gewoon even erop klikken onder dit bericht) kunt u opmerkingen kwijt en natuurlijk de oplossing van de opgave van de week. Wie geen blogger is, kan 'anoniem' inloggen, maar zet er dan wel even je naam bij; volledig anonieme reacties worden verwijderd.

donderdag 3 juli 2008

Jan Werle

Eén van de sterkste Nederlandse schakers is de bij het grote publiek vrij onbekende Jan Werle uit Beetsterzwaag. De 24-jarige grootmeester viel al op bij de jongste jeugd. Hij speelde en trainde bij Philidor Leeuwarden, waar meesterklasser Babak Tondivar hem de fijne kneepjes van het positiespel bijbracht. Zijn leeftijdsgenootjes, elders in Nederland, werden met de Stappenmethode van Cor van Wijgerden en Rob Brunia ingewijd in de tactische facetten van het schaakspel: de trucs. Volgens de moderne didactisch-pedagogische inzichten zou dat sneller tot succes moeten leiden. Het weerhield de kleine Jan er niet van in 1994 Nederlands kampioen tot en met 10 jaar te worden.

Al gauw dreigde hij echter overschaduwd te worden door een aantal iets jongere talentjes, zoals Daniël Stellwagen uit de Van Wijgerden-school. Hun voorsprong in de concrete berekening van langere slagwisselingen en offerwendingen haalde Jan Werle in toen de Stichting Schaak Friesland Herman Grooten aantrok als trainer. De aanpak, nu wel met de Stappenmethode als leidraad, had succes. Jan Werle werd snel Internationaal Meester en kreeg in 2006 de Internationale Grootmeestertitel toegekend. Toch is hij nooit volledig professional geworden. Net zo als zo veel Nederlandse toppers doet hij er een studie bij, naar eigen zeggen omdat een leven puur voor de schaaksport hem te eenzijdig is. Hij studeert rechten, Daniël Stellwagen vertelt ongeveer hetzelfde verhaal en studeert chemie.

Ik denk dat de reden veel prozaïscher is: het is erg lastig en meestal geen vetpot om alleen van de schaaksport te leven. Maar jammer is het wel. Jan Werle, maar zeker ook Daniël Stellwagen, hebben het in zich uit te groeien tot absolute wereldtoppers. Daar hebben ze echter dure toptrainers voor nodig en geduldige sponsors zodat ze volledig op de studie van het schaakspel kunnen richten en het spelen van toernooien. Dat is in Nederland echter nauwelijks te realiseren. Verschillende Nederlandse grootmeesters zijn recentelijk zelfs met de wedstrijdsport gestopt omdat ze het niet met hun baan kunnen combineren. Wat dat betreft is er sinds 1935 toen Max Euwe wereldkampioen werd niets veel veranderd. Euwe was wiskundeleraar op een meisjeslyceum en had voor de duur van de WK-match onbetaald verlof gekregen. De dag na de match stond hij weer voor de klas.



Als u Jan Werle live wilt zien spelen, kunt u op 12 juli in Eindhoven het Houtje Hoofd Helder-rapidtoernooi bezoeken, dat georganiseerd is naar aanleiding van de 50e verjaardag van zijn oude trainer Herman Grooten. Zie http://www.houtjehoofdhelder.nl/ voor meer informatie. Als opwarmertje: in de stelling van opgave 228 speelde Jan Werle met wit 1. Pf3-d4! Na de dubbelaanval dame met 1. … Dd6-b4 bewees hij inmiddels met glans de Stappenmethode te hebben afgerond. Hoe forceert wit groot voordeel?



In opgave 227, een studie van Villenev-Esclapon, wint wit aan zet met 1. Le2-h5! Kh6xh5 2. Dc2-h7+ Kh5-g4 3. Dh7-h3+ Kg4-f3 4. Dh3-g2+ met damewinst. Zwart aan zet doet hetzelfde met 1. … Lc8-h3! 2. Kh2xh3 Da8-h1+ 3. Kh3-g4 Dh1-h5 4. Kg4-f5 Dh5-g6+.

U vindt een animated gif van de oplossing op http://www.dubbelschaak.nl/. Onder 'REACTIES' (gewoon even erop klikken onder dit bericht) kunt u opmerkingen kwijt en natuurlijk de oplossing van de opgave van de week. Wie geen blogger is, kan 'anoniem' inloggen, maar zet er dan wel even je naam bij; volledig anonieme reacties worden verwijderd.

donderdag 26 juni 2008

Doorgeefschaak

In clubverband wordt er veel meer gebridged dan geschaakt. Bridge heeft het grote voordeel dat het in paren wordt gespeeld. Dat is gezellig. En bovendien gaat het lekker vlot. Zodra er een hand gespeeld is, worden er nieuwe kaarten gedeeld. Een fout verknoeit één spel, niet een hele avond. Kom daar in het klassieke schaken maar eens om: één potje duurt een uur of vier en één foutje kan een hele avond zorgvuldig plannen en rekenen totaal verpesten.

Gelukkig kent het schaakspel ook andere disciplines. Bij snelschaken of vluggeren (schaken met een bedenktijd van maar een paar minuten per persoon per partij) is een fout lang niet zo desastreus. Bovendien kun je zo een heleboel potjes op een avond spelen, waardoor je in elk geval na afloop niet wakker ligt van die ene zwakke zet of die ene gemiste kans. Heel populair is tegenwoordig ook het snelschaken in tweetallen. Veel schaakclubs organiseren deze zomer tweetallentoernooien op caféterrassen. Dubbelschaak houdt als seizoensafsluiting op 28 juni een tweetallentoernooi in Grand Café Rembrandt, bij mooi weer vooral achter in de tuin, waarbij de sterkste en zwakste spelers aan elkaar gekoppeld worden, zodat iedereen ongeveer gelijke kansen krijgt.

Maar het dichtst bij bridge komt wel het doorgeefschaak. Ook hierbij wordt in tweetallen gespeeld. De ene partner speelt met wit, de ander met zwart. Een stuk dat geslagen wordt, geef je aan je teamgenoot. Die mag het als zet op een leeg veld op het bord plaatsen. Hierdoor ontstaan al snel heel bizarre stellingen die om een totaal andere strategische aanpak vragen. Ook allerlei standaardtrucs werken niet meer. Het spel is heel gezellig en werkt bij doorgewinterde schakers, net als het bridgespel, vooral op de lachspieren. Dat komt omdat schakers niet gewend zijn afhankelijk te zijn en het niet kunnen laten de partner hilarische suggesties te doen, vooral als ze zelf dringend materiaal nodig hebben.

Jammer genoeg zijn de spelregels niet overal hetzelfde. Meestal mag je nieuwe stukken alleen op de middelste vier rijen plaatsen, maar in het reglement van de schaakbond mag een nieuw stuk ook op de 2e en 7e rij verschijnen. En in het Engelse bughouse mag je zelfs meteen schaak of mat geven. Maar alleen bij Dubbelschaak mag je suggesties roepen als: “A horse, a horse, my kingdom for a horse”!



In het schaakspel kun je niet alleen materiaal uitwisselen. Ook ideeën. In de stelling van opgave 227 wint wit aan zet. Maar zwart aan zet ook, op dezelfde manier. Ziet u hoe?



In de stelling van opgave 226 zal iedere schaker wel even naar 1. Te3xe4!! kijken en de zet meteen verwerpen, want na dameruil verlies wit een toren. Fischer speelde het in 1970 toch en beantwoordde 1. … Dc7xg3 heel verrassend met 2. Te4xd4!! Zwart kan zijn dame niet redden en verloor snel na 2. … Dg3-g4 3. Td4xg4 Ld7xg4 4. Ld3xg6. Wit heeft een loper en twee pionnen voor de toren. De sterke vrijpion op f6 is beslissend.

U vindt een animated gif van de oplossing op http://www.dubbelschaak.nl/. Onder 'REACTIES' (gewoon even erop klikken onder dit bericht) kunt u opmerkingen kwijt en natuurlijk de oplossing van de opgave van de week. Wie geen blogger is, kan 'anoniem' inloggen, maar zet er dan wel even je naam bij; volledig anonieme reacties worden verwijderd.

vrijdag 20 juni 2008

New in Chess

“The best chess magazine in the world” schrijft Uitgeverij New in Chess op www.newinchess.com over het gelijknamige tijdschrift. Ik zou er bijna aan toe willen voegen dat New in Chess de beste schaakuitgeverij ter wereld is. Zelfs al schort er een kleinigheidje aan.

New in Chess ontstond in 1984 uit het roemruchte tijdschrift Schaakbulletin. Dat was een blad met grote pretenties, die vooral waar gemaakt werden dankzij Donners recalcitrante stukjes. Maar ook Hans Ree schreef in dat blad. En Tim Krabbé. Schaakbulletin, uitgegeven door Willem Andriessen, was wezenloos populair onder Nederlandse schakers, maar leed een kwijnend bestaan. Tot Uitgeverij Elsevier wilde investeren in een elektronische databank met schaakpartijen geclassificeerd naar opening. Die database vormde de basis van een enorm sleutelboek met de belangrijkste schaakpartijen uit de geschiedenis, jaarboeken met updates en een Engelstalig tijdschrift. Het werd een internationale hit.

Elsevier hield het al gauw voor gezien. Met het schaakspel is ondanks de verkoopcijfers nauwelijks groot geld te verdienen. Maar New in Chess ging als zelfstandige uitgeverij verder en brengt sindsdien ieder half jaar een ‘Yearbook’ uit. Acht keer per jaar wordt bovendien een ‘maandblad’ gepubliceerd, met Jan Timman als hoofdredacteur en Gary Kasparov als vaste columnist. Ook het literaire schaaktijdschrift Matten (zonder schaakdiagrammen) is een uitgave van New in Chess.

Wat er schort aan New in Chess is de actualiteit. Daar hebben concurrenten als Schaaknieuws en http://www.schakers.info/ zich op gestort. New in Chess trekt er zich niets van aan. Het recent verschenen Yearbook heet “Fischer’s opening legacy”. Ook het laatste nummer van het magazine is voor de helft aan Fischer gewijd, net als het literaire schaaktijdschrift Matten. Fischer overleed al in januari.

Laat u overigens niet weerhouden de trilogie aan te schaffen. Er staat volop wetenswaardigs in. Misschien is New in Chess’ gebrek aan actualiteit zelfs wel het geheim van het succes.


Opgave 226 is een moeilijke. Fischer met wit aan zet lijkt in moeilijkheden te komen na bijvoorbeeld 1. Dxc7 Kxc7 2. Lf1 Kd6. Zowel f6 als c2 zijn zwak en het zwarte centrum is heel solide. De schaaklegende zorgde echter voor een daverende verrassing. Geen directe winst, maar wel een afwikkeling naar een superieure stelling.


In opgave 225 uit Schneider-Van Wely volgde 1. … Ta3xa2! 2. Th3xh7. Wit probeert het in de aanval. Andere zetten helpen evenmin. 2. … c5xd4! 3. Th7-h8+ (3. Dxd4 e5! of 3. Dh4 Ta1+!) 3. … Kg8xh8 4. Df2-h4+ Kh8-g8 5. Tc2xc7 d5xe4 6. d3xe4 d4-d3 en wit gaf op.

U vindt een animated gif van de oplossing op http://www.dubbelschaak.nl/. Onder 'REACTIES' (gewoon even erop klikken onder dit bericht) kunt u opmerkingen kwijt en natuurlijk de oplossing van de opgave van de week. Wie geen blogger is, kan 'anoniem' inloggen, maar zet er dan wel even je naam bij; volledig anonieme reacties worden verwijderd.

donderdag 12 juni 2008

King Loek

Op internet wordt hij King Loek genoemd. Sinds een jaar of tien is de Brabander duidelijk de sterkste schaker van Nederland. Hij werd maar liefst zes keer op rij Nederlands kampioen, maar speelt de laatste niet meer mee wegens een conflict met de schaakbond over zo ongeveer alles waar een schaker een conflict met zijn bond over kan hebben. Toch is Loek van Wely bepaald geen moeilijk mens. Een voorbeeld.

Het organisatiecomité van het TU/e Houtje Hoofd Helder Rapidtoernooi dat op 12 juli in Eindhoven wordt gespeeld, heeft al menig mailtje ontvangen van grootmeesters die vragen wat de ‘condities’ zijn. Dat betekent niet dat ze willen weten of er goede stoelen zijn, wat het speeltempo is of zelfs maar het prijzengeld, want dat kunnen ze allemaal op http://www.houtjehoofdhelder.nl/ lezen. Nee, ze willen weten of er in het geheim startgeld overeen te komen is en of ze reiskostenvergoeding kunnen krijgen. Dat zijn zeer terechte vragen, want grootmeesters hebben een hard bestaan als ze enkel van het prijzengeld moeten leven. Maar het is voor organisatoren, die toch al zo moeilijk aan sponsors kunnen komen, een buitengewoon lastige vraag. Wie wel en wie niet? Wat is redelijk? Wie zal dat betalen? Helaas is er bij het Houtje Hoofd Helder toernooi geen budget voor dit soort ondersteuning.

Wereldtopper Loek van Wely doet het heel anders. Aan Herman Grooten, een lid van het organisatiecomité, mailde hij vorig weekend refererend aan een potje zaalvoetbal: “Ondanks het feit dat je me laatst poortte, zal ik de schande als een man proberen te dragen en de 12e er gewoon bij zijn!” Op de vraag of dat betekende dat hij in het schaaktoernooi mee zou doen, antwoordde hij: “Goed. Nieuwe initiatieven mogen wel een steuntje in de rug krijgen.” Dat is nou eens een koninklijk gebaar!

Overigens zijn er nog twee grootmeesters die zich spontaan hebben aangemeld. Karel van der Weide, die nog niet zo lang geleden bekend maakte met de wedstrijdsport te stoppen, schort er zijn pensioen even voor op. Jan Werle heeft zelfs de terugreis van zijn vakantie omgeboekt om op tijd terug in Nederland te zijn. Het toernooi valt overigens ook bij de amateurs goed in de smaak: deze week hopen we de honderdste deelnemer te kunnen inschrijven.

Opgave 225 komt uit een partij Dmitri Schneider-Loek van Wely. Wit lijkt leuke aanvalskansen te hebben. Zwart aan zet slaat de aanval echter met winnend voordeel af. Ziet u hoe?


In opgave 224 kon zwart remise maken met 1. … Tg4-c4 2. Kb2-b3 Tc4-c5 3. Kb3-c4 Nu lijkt alles voorbij, want op 3. … Tc1 volgt 4. Pc3, maar zwart speelt: 3. … Tc5xc7! 4. Pd5xc7 Lh4-e7 met remise.

U vindt een animated gif van de oplossing op http://www.dubbelschaak.nl/. Onder 'REACTIES' (gewoon even erop klikken onder dit bericht) kunt u opmerkingen kwijt en natuurlijk de oplossing van de opgave van de week. Wie geen blogger is, kan 'anoniem' inloggen, maar zet er dan wel even je naam bij; volledig anonieme reacties worden verwijderd.

vrijdag 6 juni 2008

Schaakverhalen

Matten is een tijdschrift dat twee keer per jaar verschijnt. De ondertitel “Schaakverhalen” verraadt de inhoud. Vorige week verscheen het vierde nummer. Was het voorheen alleen verkrijgbaar in de stad of bij gespecialiseerde verzendhuizen, dit keer ligt er ook gewoon een stapeltje bij Elckerlijc. Het is de liefhebber van harte aan te bevelen.

Ongeveer een derde van Matten 4 staat in het teken van de op 17 januari overleden Robert James Fischer. Dat heb je met halfjaarlijkse bladen: ze zijn niet zo actueel. Maar misschien juist daarom wel zo lezenswaardig.

Nadat Fischer in 1972 wereldkampioen werd, trok hij zich terug uit de schaakarena. Veel schaakcoryfeeën hebben om uiteenlopende redenen getracht met hem in contact te komen. Anatoli Karpov, die in de volgende WK-cyclus Polugajevsky, Spassky en Kortsjnoj uitschakelde, heeft alles in het werk gesteld om tot een match met Fischer te komen. De twee supergrootmeesters blijken elkaar ook enkele keren te hebben ontmoet. Maar tot overeenstemming kwamen ze niet. De eis van Fischer, dat de uitdager met twee punten verschil de match moest winnen om de titel over te nemen, was te extreem. Maar ook jaren later was Karpov nog bereid te spelen. Dirk Jan ten Geuzendam vraagt Karpov heel tactvol wat hij ervan vindt dat veel mensen geloven dat Fischer de grootste schaker uit de geschiedenis is. Karpov antwoordt: “Waarom zou ik mijzelf verdedigen als iemand zegt dat Fischer de grootste was. Je hoeft alleen maar naar de resultaten te kijken.” En Karpov acht zijn eigen resultaten duidelijk superieur.

Ook Bessel Kok, de schaakmecenas, blijkt Fischer te hebben ontmoet. Hij fêteerde Fischer van 26 tot 30 april 1990 in Brussel. Fischer had zichzelf uitgenodigd, maar vroeg voor zijn bezoek wel $ 25.000. Nog afgezien van het vijfsterren hotel natuurlijk en de exquise maaltijden in sterrenrestaurants die verder helemaal leeg moesten zijn. Jan Timman was daar ook even bij aanwezig. Bessel Kok schreef er zelf een sappig verhaal over.

Ook de rest van de uitgave, onder andere over Ton Sijbrands, Botwinnik en de schakende operazanger Tabe Bas, levert fantastisch leesvoer op. Heel informatief en goed geschreven.

Opgave 224 komt uit een analyse van een partij tussen Dgebuadze en Herman Grooten. Zwart kan hier door een leuke truc remise maken. Ziet u hoe?


In de stelling van opgave 223 won Chu Chen met zwart door 1. … Pe5-g4+ 2. h3xg4 h5xg4 3. Lg2-f3 Te6-h6+ 4. Kh2-g2 Th6-h2+ en wit gaf op. Na 5. Kxh2 Dh6+ 6. Kg2 Dh3 is het mat.

Vorige week heb ik mij danig vergist in de technische moeilijkheden bij internetpublicaties. Animated gifs zijn niet zo gemakkelijk aan de praat te krijgen op een blog. U vindt de animated gif van de oplossing daarom voortaan op http://www.dubbelschaak.nl/.

Onder 'reacties' (gewoon even erop klikken onder dit bericht) kunt u opmerkingen kwijt en natuurlijk de oplossing van de opgave van de week. Wie geen blogger is, kan 'anoniem' inloggen, maar zet er dan wel even je naam bij; volledig anonieme reacties worden verwijderd.

donderdag 29 mei 2008

Animated gifs

Sinds in 1472 Das Gulden Spiel werd gedrukt, zijn er duizenden schaakboeken gepubliceerd. De Koninklijke Bibliotheek in Den Haag heeft een collectie van meer dan 30.000 titels en kan bij lange na geen aanspraak maken op volledigheid. Nog steeds verschijnen er maandelijks tientallen nieuwe boeken en tijdschriften. Maar de grootste bron van informatie over het schaakspel is inmiddels het internet.

Om een schaakboek te lezen, moet er, zeker als je de schaakpartijen of fragmenten een beetje serieus wilt bestuderen, een schaakbord aan te pas komen. Dankzij de schaaknotatie kan de lezer de zetten gemakkelijk naspelen en desgewenst zelf alternatieven bedenken. Maar het internet maakt alles veel eenvoudiger. Er zijn allerlei manieren bedacht zodat de partijen zich min of meer automatisch voorspelen. Zo heeft het beroemde programma Chessbase, waarin partijen opgeslagen kunnen worden en geordend in databases, een eenvoudige functie om de partijen op internet te publiceren. De bezoeker aan de site speelt ze na, door met de muis te klikken en hij kan er ook voor kiezen de partijen automatisch af te spelen. Filmpjes van dit soort presentaties met gesproken commentaar van een deskundige, zijn ook erg aantrekkelijk.

Zelf ben ik altijd erg gecharmeerd geweest van eenvoudige diagrammen met een opgave, ongeveer zoals ze in deze rubriek staan afgedrukt. Klik je op het diagram, dan wordt de oplossing voorgespeeld. Ik wist nooit hoe die dingen gemaakt werden en dacht dat er wel een ingewikkeld javascript aan ten grondslag zou liggen. Clubgenoot Peter Boll, een trouwe bezoeker van het weblog waarin deze rubriek verschijnt, wees me erop dat het gewoon animated gifs zijn. Een ‘gif’ is een digitaal plaatje, net zoals een ‘jpg’. Een ‘animated gif’ bestaat uit een aantal plaatjes achter elkaar die als een soort tekenfilmpje worden afgespeeld. Op het internet zijn allerlei gratis programma’s te vinden waar zo’n animated gif mee kan worden gemaakt. Heel handig om de oplossing van de opgave van de week te laten zien. Deze week verschijnt de eerste. Je vindt het blog gemakkelijk via http://www.dubbelschaak.nl/.



Opgave 223 komt uit een partij van de voormalige wereldkampioene Zhu Chen. Hoe besliste ze met zwart aan zet de partij?


Het plaatsen van animated gifs in een blog blijkt toch een stuk lastiger dan ik dacht. Volgende week doe ik een nieuwe poging. Tips zijn welkom.

In de stelling van opgave 222 volgde tijdens een rapidpartij Huub van Dongen-Alan van der Heijden 1. Lg2xe4! Pb8-c6 2. Dd4xd5! waarna zwart de stukken bij elkaar schoof met de opmerking: “Dat was niet zo best hè”. Hij blijft dan ook minstens twee pionnen achter.

Onder 'reacties' (gewoon even erop klikken onder dit bericht) kunt u opmerkingen kwijt en natuurlijk de oplossing van de opgave van de week. Wie geen blogger is, kan 'anoniem' inloggen, maar zet er dan wel even je naam bij; volledig anonieme reacties worden verwijderd.

donderdag 22 mei 2008

Terrassenschaak

Traditioneel is schaken vooral een wintersport. Lekker warm bij de kachel in een bedompt zaaltje. Maar de laatste jaren is vooral het zomerschaken erg populair. In het jaargetijde dat de meeste schaakclubs reces houden, worden de toernooien uit de grond gestampt. Sterke serieuze toernooien zoals het Leiden Chess Tournament, het Open kampioenschap van Nederland, het Hogeschool Zeeland Toernooi en het BDO Chess Tournament. Maar ook luchtige niemendalletjes, waaronder talloze kroegloperstoernooien en terrassenschaakwedstrijden. Het is het toppunt van vermaak voor de ware schaakliefhebber. Lekker snelschaken met een pilsje; op de toernooitabel staat niet alleen tegen wie je moet spelen en hoe laat, maar ook op welk terras of in welke kroeg.

In Oisterwijk had de Stichting Brabants Schaakgenootschap afgelopen zaterdag een rapidtoernooi voor tweetallen uitgeschreven op het terras van Café De Vrijbuiter op de Lind in Oisterwijk. Jammer genoeg werd het met zestien tweetallen niet druk, maar het weer zat behoorlijk tegen: koud en vooral ’s morgens regenachtig.

Om te voorkomen dat het toernooi in het rooster opgenomen zou worden van premiejagers en broodspelers, hanteerde het organisatiecomité een ratinggrens. De gemiddelde rating van een tweetal mocht niet boven de 2000 uitkomen, de rating van een behoorlijke amateur. In de aankondiging wezen de organisatoren er terecht op dat zo’n formule heel leuk is om teams te vormen van een volwassen trainer met een pupil.

Ik besteed in Boxtel al enkele jaren extra aandacht aan de schaakontwikkeling van Jaap Gottlieb. Jaap is veertien jaar oud en in zijn leeftijdscategorie hoort hij bij de subtop van Nederland. Z’n rating is nog tamelijk laag (1530) en die van mij houdt ook niet over (2148) zodat we samen een leuk team konden vormen, goed voor een plaatsje in de middenmoot, maar het liep fantastisch. Jaap scoorde maar liefst 6 uit 7 op bord twee tegen veel hoger gerate spelers. Samen met mijn 6½ was het ruim genoeg voor de eerste plaats. Zo haalde Jaap zijn eerste geldprijs op, maar er zullen er nog vele volgen. Het was opvallend hoe geconcentreerd en degelijk hij ineens speelt. Jammer genoeg zal zijn rating waarschijnlijk zo snel gaan stijgen dat we volgend seizoen niet meer mee mogen doen.



Opgave 222 komt uit de partij Huub van Dongen-Alan van der Heijden (2244) tijdens het Oisterwijkse terrassenschaaktoernooi. Wit staat mooi, maar hoe maakt hij het uit?



In de stelling van opgave 221 speelde Herman Grooten met zwart tegen Tiger Hillarp Persson 1. … Tb8xb3+ 2. c2xb3 c3-c2+ en wit gaf op. Slaat de dame, dan is het mat op a1 en na 3. Kxc2 volgt 3. … Dc3+ 4. Kb1 Dxb3+ enzovoorts.

Onder 'reacties' (gewoon even erop klikken onder dit bericht) kunt u opmerkingen kwijt en natuurlijk de oplossing van de opgave van de week. Wie geen blogger is, kan 'anoniem' inloggen, maar zet er dan wel even je naam bij; volledig anonieme reacties worden verwijderd.

zondag 18 mei 2008

Houtje Hoofd Helder

Eén van de eerste kampioenen van De Waltoren, de voorloper van Dubbelschaak, was Herman Grooten. Hij was toen pas veertien. Niemand die hem in die tijd zag spelen, zal het verbaasd hebben dat hij carrière maakte in de schaaksport. Hij behaalde de Internationale Meestertitel, maar is vooral bekend als schaakpromotor en jeugdtrainer. Talrijke Nederlandse grootmeesters hebben de fijne kneepjes van Herman geleerd.

Toen het tot zijn kennissenkring doordrong dat Herman deze zomer vijftig wordt, opperde Boxtelaar Franck Steenbekkers om Herman een schaaktoernooi cadeau te doen. Al snel ontstond er een organisatiecomité. Misschien moet het wel een grootmeestertoernooi worden, riep iemand. En toen liep het uit de hand.

De ambities groeiden met de dag. De plannen voor het schaaktoernooi werden uitgebreid met ideeën voor schaakcursussen voor de jeugd, workshops voor beginners, lezingen, merchandising en noem maar op. Er moest een sponsorbrochure komen en een website. En natuurlijk een aantrekkelijk communicatieconcept. Zo werd de slogan Houtje Hoofd Helder geboren. Het “houtje” staat natuurlijk voor de schaakstukken. De termen “hoofd” en “helder” mogen duidelijk zijn. Voor de campagne maakte de Boxtelse fotografe Karin Gottlieb een schitterende fotoreportage van hoofden met een schaakstuk voor afwisselend een witte en een zwarte achtergrond. Uit de serie zijn talloze schaakborden te formeren.

De eerste sponsor die de plannen zag zitten was de Technische Universiteit Eindhoven. Daarmee was meteen een ideale speelzaal gevonden, het auditorium, met ongekende faciliteiten voor internet, volop grote beeldschermen en beamers om het toernooi voor het publiek aantrekkelijk te maken en niet te vergeten een ideaal schaakcafé: de Faculty Club.

Jammer genoeg was de tijd te kort om alle ambities deze zomer al waar te maken. De meeste activiteiten zijn verschoven naar 2009 en de organisatoren hebben te kennen gegeven aan een traditie te willen bouwen. Maar op 12 juli 2008 vindt al wel het Grote TU/e Houtje Hoofd Helder Rapid-toernooi plaats, een eendaags toernooi voor professionals én amateurs van ieder niveau. Alle informatie vindt u op http://www.houtjehoofdhelder.nl/. Grootmeester Jan Werle staat al op de deelnemerslijst en er komen er meer. Maar ook de gewone houtjesschuivers zijn goed vertegenwoordigd. Als u er snel bij bent, kunt u zich nog inschrijven.



Opgave 212 komt uit een recente partij tussen de Zweedse grootmeester Tiger Hillarp Persson en Herman Grooten. Hoe forceerde Herman met zwart mat?



Opgave 220 komt uit de partij Mamedov-Sutovsky uit het afgelopen EK. Na Mamedov’s 8. h3xg4 h5xg4 9. Pf3xe5 volgde 9. … Lf8-d6 10. Pe5xd3 Ld6-h2+ met eeuwig schaak. Dezelfde partij is al honderden keren door andere toppers gespeeld als ze geen zin hadden om te schaken.

Onder 'reacties' (gewoon even erop klikken onder dit bericht) kunt u opmerkingen kwijt en natuurlijk de oplossing van de opgave van de week. Wie geen blogger is, kan 'anoniem' inloggen, maar zet er dan wel even je naam bij; volledig anonieme reacties worden verwijderd.

donderdag 8 mei 2008

Sergei Tiviakov

Vrijdag 2 mei is de in 1997 tot Nederlander genaturaliseerde Rus Sergei Tiviakov Europees Kampioen schaken geworden. De Volkskrant schreef er een klein stukje over. De televisie liet het natuurlijk afweten. Zaterdag was Jan Timman te gast in Dit was het Nieuws. Dat programma wordt een dag van te voren opgenomen, maar Tiviakov werd niet genoemd. Jammer, want over Tiviakov had Timman beslist iets leuks kunnen zeggen. Van het overige nieuws wist hij minder dan een ijsbeer die net uit z’n winterslaap is gewekt.

Hoewel het Europees Kampioenschap door de absolute wereldtop werd gemeden, mag de prestatie van Tiviakov niet worden onderschat. In een veld van maar liefst 337 schakers, waaronder minstens 150 sterke grootmeesters waarvan er maar liefst 30 een hogere rating hadden dan Tiviakov zelf, scoorde hij 8 ½ uit 11. Daarmee eindigde hij op de ongedeelde eerste plaats. Klasse! Hij speelde zeer efficiënt, was in geen enkele partij in gevaar en greep iedere geboden kans aan om de winst naar zich toe te trekken.

Toch had ik Timman wel eens over Tiviakov’s spel willen horen. Schaken is veel te moeilijk om alle complicaties te kunnen voorzien. Amateurs hebben de neiging zich onbekommerd op de moeilijkste verwikkelingen in te laten. De populairste topspelers doen dat ook, maar zij hebben de complicaties meestal thuis tot in detail voorbereid. Timman was door die strijdwijze in zijn topjaren een internationale held. Tiviakov speelt heel anders. Hij doet in iedere partij zijn uiterste best complicaties te vermijden. Zijn openingsvoorbereiding is erop gericht zo simpel mogelijke stellingen te krijgen. Hij speelt niet om te winnen, maar vooral om niet te verliezen. En dat is minstens zo saai als Timman op teevee.

Vooral met zwart speelt Tiviakov een hemeltergend soort afbraakschaak, puur gericht op vereenvoudiging. Zo rond de tiende zet, als de tegenstander moet kiezen om risico’s te nemen of alles af te ruilen, biedt hij remise aan. Hij krijgt nog meestal zijn zin ook. Ik vermoed dat de meeste van die korte remises van te voren zijn afgesproken. Een pure schande voor de schaaksport. Daar móet in de reglementen iets aan gedaan worden, want aan dit soort kampioenen hebben we niets.

Opgave 220 laat zo’n stukje afbraakschaak zien. De stelling ontstaat na 1. e4 e5 2. Pf3 Pc6 3. Lb5 a6 4. Lxc6 dxc6 5. 0-0 Lg4 6. h3 h5 7. c3 Dd3. Iedere schakers van enig niveau weet nu dat wit nu 8. Te1 moet spelen als hij iets wil proberen. Maar in Mamedov-Sutovsky, twee andere toppers uit het EK in Skopje, volgde 8. h3xg4 h5xg4 9. Pf3xe5. Aan u de vraag: waarom is deze stelling meteen remise. Het werd al honderden keren eerder op precies dezelfde manier gespeeld. Allemaal afgesproken werk.


In opgave 219 speelde Daniël Stellwagen na 1. Lh5-g6? Lg7-f6! Waarna Portisch met wit zonder compensatie een stuk en de partij verliest. Portisch kon remise maken met 1. Pe7-g6+! h7xg6 (of 1. … Kg8 2. Pe7+) 2. Lh5xg6 Lg7-h6 3. Dd1-d7 Lh6-g7 4. Dd7-d1 met zetherhaling.

Onder 'reacties' (gewoon even erop klikken onder dit bericht) kunt u opmerkingen kwijt en natuurlijk de oplossing van de opgave van de week. Wie geen blogger is, kan 'anoniem' inloggen, maar zet er dan wel even je naam bij; volledig anonieme reacties worden verwijderd.

donderdag 1 mei 2008

Het Koninklijke Spel

Soms is het lastig om een geschikt onderwerp voor de schaakrubriek te vinden. Deze week stond een stukje over het Gulden Hoekpiontoernooi gepland, dat Dubbelschaak traditioneel op Koninginnedag organiseert. Het toernooi is helaas wegens gebrek aan belangstelling geannuleerd; iedereen is op vakantie. Als alternatief was een stukje over het Koninklijk Huis en de schaaksport vandaag erg aantrekkelijk geweest. Maar helaas heeft geen enkele Oranje zich voor zo ver ik weet met het schaakspel onledig gehouden.

Dat is des te erger omdat het weblog waar deze rubriek (met soms een kleine aanpassing) na publicatie in Brabants Centrum op verschijnt best wat meer bezoekers kan gebruiken. Wie over Prinses Maxima schrijft, krijgt meteen honderden bezoekers extra. Maar helaas hebben noch Maxima, noch Laurentien, noch Koningin Beatrix ooit een schaaktoernooi geopend, laat staan een potje gespeeld. Ja, Mabel Wisse Smit schijnt het wel eens gedaan te hebben, met Klaas Bruinsma, maar daar houdt het ook wel mee op.

Nog beter ware het als Koninklijk Huis met seks, naaktfoto’s en erotiek in één zin met het schaakspel kon worden verbonden. Daar zie ik helaas geen kans toe. Maar dan zou het blog ongetwijfeld wegens overweldigende bezoekersaantallen overbelast worden. En dan stond het schaakspel pas echt op de kaart en dat is toch wat een schaakpromotor als ik het liefste wil bereiken.

Laat ik me er daarom deze week maar toe beperken uit te leggen waarom het schaakspel zo vaak het Koninklijke Spel genoemd wordt. Koningin Victoria schijnt nadat ze weduwe werd zo veel troost te hebben gevonden in het schaakspel dat ze nooit reisde zonder een fraai uitgevoerde schaakset in haar bagage. Het concept van het reisschaakspel zou trouwens aan het brein van Lodewijk XIII zijn ontsproten: een spel van wol in de vorm van een kussen. Ook de tsaren speelden schaak, allemaal, terwijl Willem de Veroveraar wel eens een bord op het hoofd van een Franse prins stukgeslagen moet hebben na een verloren partij. Zelfs Karel de Grote en vooral zijn Arabische tijdgenoot Haroen al-Rashid brachten hun vrije tijd veelal schakend door. Maar het heeft er allemaal niets mee te maken. Het woord ‘schaak’ komt gewoon van het Perzische ‘sjah’, wat koning of keizer betekent.

Het schaakspel is dus gewoon letterlijk het spel van de koning. Gelukkig kunnen de kinderen van de Openbare Bloemcampschool in Wassenaar zich vanaf stap 5 opgeven voor een Stappencursus bij de Wassenaarse Schaakvereniging. Echt iets voor Catherina Amalia. Dan wordt het schaakspel in Nederland ook weer een Koninklijk spel.

Daniël Stellwagen zit intussen in Malmö een grootmeestertoernooi te winnen, waar oude glories als Timman en Portisch verschrikkelijk in de pan worden gehakt. In de stelling van opgave 219 speelde Portisch tegen Stellwagen de slechte zet 1. Lh5-g6. Twee vragen: hoe won zwart? En wat had Portisch moeten spelen om remise te maken?

Opgave 218 komt uit de Bekerwedstrijd LSG-HSG. Leidenaar Edwin van Haastert versloeg in de diagramstelling Henk Vedder met het fraaie 1. Lf6-h8! Dd7-e7 2. Lh3xe6+ Kg8xh8 3. Tf4-f7 en zwart gaf op.

Onder 'reacties' (gewoon even erop klikken onder dit bericht) kunt opmerkingen kwijt en natuurlijk de oplossing van de opgave van de week. Als u zelf geen blogger bent, kunt u 'anoniem' inloggen, maar zet er dan wel even je naam bij; volledig anonieme reacties worden verwijderd.

donderdag 24 april 2008

Camiel Peerlings

Er zijn niet veel Boxtelse schakers die in de hoogste klasse van de Nederlandse competitie hebben gespeeld. Job de Lange speelde als tiener in de Hoofdklasse (de huidige Meesterklasse) voor Desisco Watergraafsmeer en later, tot halverwege de jaren tachtig voor Koningsclub Bergen, het roemruchte profteam van betonmagnaat Arnfried Pagel. Peter Boll speelde van 1979 tot 1984 in het eerste van DD uit Delft. Zelf werd ik halverwege de jaren tachtig gerekruteerd door SV Eindhoven, dat net landskampioen was geworden en zelfs Eurocup speelde. Daar speelde ook Internationaal Meester Herman Grooten, die in 1972 clubkampioen van De Waltoren is geweest, de toenmalige Boxtelse schaakvereniging. Maar daarmee houdt het volgens mij op.

Het ziet ernaar uit dat de bijna 36-jarige Camiel Peerlings volgend seizoen zijn Meesterklasse-debuut maakt. Camiel woont tegenwoordig in Zuid-Limburg en hij speelt bij Voerendaal, dat zaterdag kampioen werd in klasse 1B. Camiel Peerlings heeft schaken geleerd op de jeugdschaakclub van De Waltoren die zo’n dertig jaar geleden onder leiding van Hans Heijstek en Herman Snelders bijzonder succesvol was. Camiel hoorde meteen bij de betere spelers. Dat er echter ooit een Meesterklasser uit hem zou groeien, was moeilijk te voorzien. Hij slaagt er echter in ieder jaar gestaag beter te gaan spelen en dat werpt vruchten af.

Camiel speelde jarenlang bij De Waltoren, waar hij 1996 clubkampioen werd, en na de fusie met de Gestelse Pion bij Dubbelschaak ’97. Zelfs toen hij al in Zuid-Limburg woonde, verscheen hij nog geregeld op de clubavond, maar in 2002 werd hij gevraagd om bij Voerendaal te gaan spelen. Daar kon hij geen nee tegen zeggen. Jammer, want Camiel was één van de gangmakers van het eerste team.

Voerendaal is een gezellige, zeer ambitieuze vereniging die dankzij sponsors het eerste team voor de helft met Duitse professionals kan vullen. Dat Camiel in dat elitegezelschap een plaatsje in het eerste team heeft weten te veroveren, verdient een groot compliment. Met zijn score van 6½ uit 9 heeft hij zeker in belangrijke mate bijgedragen aan het kampioenschap. Zijn Meesterklasse-debuut kan volgend seizoen dan ook nauwelijks uitblijven. Camiel, proficiat.


Dat er in de Meesterklasse listig gespeeld wordt, moge blijken uit opgave 218: wit speelt en wint.


In de stelling van opgave 217 speelde Nederlands kampioen Jan Smeets tegen Dimitri Reinderman 1. Ta1xa6! d2-d1D 2. Lc5-a7+ Kb8-c8 3. La7-d4! en hier werd de partij remise gegeven. Wegens de matdreiging op a8 moet zwart 3. … Kc8-b8 spelen, en dan volgt 4. Ld4-a7+ met zetherhaling.

Onder 'reacties' (gewoon even erop klikken onder dit bericht) kunt opmerkingen kwijt en natuurlijk de oplossing van de opgave van de week. Als u zelf geen blogger bent, kunt u 'anoniem' inloggen, maar zet er dan wel even je naam bij; volledig anonieme reacties worden verwijderd.

maandag 21 april 2008

Dubbelschaak mist kampioenschap

Persbericht
maandag 21 april 2008


Zenuwen bederven winstkansen

Dubbelschaak heeft zaterdag in Grand Café Rembrandt in een bloedstollende wedstrijd tegen de directe concurrent DJC Stein uit Zuid-Limburg op een haar na het kampioenschap in klasse 3H van de KNSB-competitie gemist. DJC, dat aan een gelijk spel genoeg had, leek halverwege de wedstrijd tegen een grote nederlaag op te lopen. Alleen de spanning van de kampioenswedstrijd kan verklaren waardoor zoveel Dubbelschakers het lieten afweten.

Op vrijwel alle borden kwam Dubbelschaak uitstekend uit de opening. Rob van Meurs aan bord acht bouwde al snel een koningsaanval op die onstuitbaar leek. Michel van der Stee aan bord twee speelde zijn tegenstander in het vroege middenspel volledig van het bord. En Ad Kleijberg op vijf manoeuvreerde zijn tegenstander ook al snel naar de rand van de afgrond. Omdat ook Huub van Dongen op het vierde bord het openingsspel van zijn tegenstander ad absurdum had gevoerd, leek er geen vuiltje aan de lucht. Beneden in het café werd er door de toeschouwers al veelvuldig geproost op de nakende overwinning.

Het eerste volle punt werd binnengehaald door Michel van der Stee, die zijn superieure stelling met een fraaie combinatie bekroonde. Daarop gaven Job de Lange en Guido Jansen hun partijen terecht remise. Ze stonden niet minder, maar moesten risico nemen om er eventueel nog voordeel uit te halen en daar was volstrekt geen aanleiding toe. Zeker niet toen langzamerhand duidelijk werd dat ook Martien van der Meijden aan bord zeven en Peter Boll op bord één inmiddels in het voordeel waren.

Helaas begon toen de machine te haperen. En hoe! Van Dongen gaf door een onnauwkeurigheid zijn openingsvoordeel uit handen, miste nog een keer een kleine dreiging van z’n tegenstander en moest vluchten naar een bedenkelijk toreneindspel met een pion minder. Maar dat was nog niets vergeleken met de drama’s die zich afspeelden aan het eerste en achtste bord. De aanval van Rob van Meurs was zo sterk dat hij herhaaldelijk geforceerd mat kon geven. Uiteindelijk gaf hij, met tientallen omstanders om zijn bord, in plaats van mat een volle dame weg. Ongeveer tegelijkertijd miste ook Peter Boll de sterkste voortzetting waarna ook zijn mataanval verzandde en het voor de koningsjacht geofferde materiaal een te grote achterstand bleek om zich nog te kunnen redden.

Gelukkig had Ad Kleijberg zijn tegenstander inmiddels vakkundig opgerold, zodat kort na 17.00 uur een 3-3 tussenstand op het bord verscheen met nog twee partijen te gaan. Van Dongen stond nog steeds een pion achter, maar verdedigde zich vakkundig. Van der Meijden stond beter, maar de winstkansen waren marginaal. Uiteindelijk maakte Van Dongen, vlot spelend, het eindspel geroutineerd remise. Van der Meijden probeerde het nog tot 19.00 uur, maar er was geen doorkomen aan. Daarmee kwam een 4-4 eindstand op het scorebord en had Dubbelschaak het kampioenschap op een half puntje gemist.

Of Dubbelschaak volgend seizoen opnieuw om de prijzen kan meedoen, is maar de vraag. Ad Kleijberg, dit seizoen teamtopscoorder met 6½ uit 8, gaf na de wedstrijd aan dat hij een baan in de USA heeft geaccepteerd. Kleijberg heeft sinds de oprichting in 1997 altijd in het eerste team van Dubbelschaak gespeeld en speelde daarvoor bij één van de fusieverenigingen. Het zal moeilijk zijn een even trouwe en degelijke vervanger te vinden.